Wethouder Schneider: er zijn genoeg huizen voor vluchtelingen

Rotterdam is prima in staat om vluchtelingen met een verblijfsvergunning een huis te geven. Tenminste dit jaar. Verder vooruit kijken is lastig, omdat niemand weet hoeveel vluchtelingen gaan komen.

Wethouder Schneider (Wonen en integratie, Leefbaar) vertelde dat deze week tijdens de presentatie van de ‘Rotterdamse aanpak statushouders 2016-2020’. Elke stad in Nederland moet een aantal zogenoemde ‘statushouders’ opvangen. Hoe groter de stad, hoe meer dat er zijn. Rotterdam moet dit jaar voor zo’n 1.700 mensen een woonruimte zoeken. Daaronder zijn ook gezinnen, die een woning delen.

Rotterdam heeft een relatief ruime voorraad goedkopere sociale huurwoningen, zegt Schneider. Het huisvesten van ongeveer 1.860 statushouders in 2016 moet geen probleem zijn, verwacht hij. Pas als het er meer worden, wordt het lastiger, omdat andere mensen met urgentie dan langer moeten wachten.

In dat geval zal Rotterdam woningen die op de nominatie staan om gesloopt te worden, beschikbaar stellen als woning. Pas dáárna wordt er gedacht aan het omvormen van scholen en kantoorpanden tot woning. Die optie heeft niet de voorkeur omdat asielzoekers dan op een kluitje worden opgevangen. Dat belemmert de integratie.

Over de integratie van de nieuwe Rotterdammers maakt Schneider zich zorgen. Hij wil dat statushouders direct intensief de Nederlandse taal leren. Het driejarige taaltraject kan best in twee jaar, vindt hij. Want zonder kennis van de taal, kan je niet meedoen in de maatschappij, is zijn stellige overtuiging. „Ze moeten vrijdagavond doodmoe op de bankploffen omdat ze de hele week hard hebben geleerd.”

Daarnaast moeten ze kennis opdoen van de Nederlandse waarden en normen. „Bijvoorbeeld dat mannen en vrouwen gelijk zijn, en dat er niet gediscrimineerd wordt. Het is belangrijk dat iedereen dat weet. Het is een van de redenen dat mensen niet úit maar náár Nederland vluchten.”