Van ‘Pietje Lef’ tot ‘de Fant’: nee!

Met 83,3 procent had Urk de meeste tegenstemmers. Wat Europa beslist, voelen ze op Urk direct, vanwege de visserij.

Foto Gino Kleisen

Spanje was het een tijdje helemaal. Een paar Urkers waren van vakantie teruggekomen vol goede verhalen en toen ging heel Urk ernaartoe. Later werd dat Turkije, toen Egypte. „In Urk wordt alles overlegd en besproken”, zegt Geert Weerstand (67), kunstenaar en spil van de Urkse gemeenschap. „Veel dochters komen hier nog elke dag bij hun moeder op de koffie.”

Hij wil maar zeggen: een Urker beslist nooit alleen. Niet over vakanties, en ook niet over, zeg, een referendum.

Met 83,3 procent tegen had Urk dinsdag de meeste nee-stemmers van Nederland. Hoe dat komt? Weerstand: „Als je Urk wil begrijpen, weet ik precies waar jullie moeten zijn. Kom, ik rijd.”

Urkser dan visrokerij Jongens van de Fant krijg je het niet. Vernoemd naar vader ‘Fant’ (Frans). ‘De jongens’ zijn broers Harm, Gerrit en Frans. Wat hebben ze gestemd? Tegen. Waarom? „Naar de wijste van de familie wordt geluisterd.”

Hier is dat Jacolien de Boer (22), die al gauw als spreekbuis naar voren wordt geschoven. „Zij studeert!” Jacolien heeft dinsdagochtend nog haar best gedaan om iedereen naar de stembus te krijgen. Familie, vriendinnen, mensen die vis kwamen kopen. Ze is bezorgd over corruptie in Oekraïne, en de invloed die dat op Nederland kan hebben.

Ook nu komt de vis op tafel: gerookte zalm en schol. Die eet je met de hand, want hier doen ze niet moeilijk als het makkelijk kan, legt Geert Weerstand uit. In het bijkeukentje zijn inmiddels tien mannen aangeschoven. „Ze kan wel praten, hè?”

Onvrede over visserbeleid EU

Urk is sinds 1939 geen eiland meer, maar het voelt voor bewoners nog steeds als een losgezongen stukje Nederland. Het is op Urk. Winkels verkopen T-shirts en stickers met ‘I love Urk’. „In een plaats als Emmeloord zou je dat nooit zien”, zegt een medewerker van het toerismebureau.

Op Urk dragen veel mensen dezelfde naam. In de loop van het leven verdien je daarom een bijnaam: Piet de Boer van de zalmrokerij werd Pietje Lef. En „Jacolien van de 33” is vernoemd naar de kotter van haar pa. Waarom de Fant zo wordt genoemd weet niemand meer precies. Iets met „zo sterk als een olifant” en een levendige fantasie. En het lijkt op Frans.

De zaken lopen goed, maar o wat kunnen de broers soms balen van ‘Europa’. Vorige week nog: toen voerde de EU een nieuwe regel in die voorschrijft dat vis niet meer in water gekoeld mag worden, vertelt broer Harm. „Maar hoe we het wel moeten doen? Dat kan niemand ons vertellen.”

Wat Europa beslist, voelen ze in Urk meteen; harder en directer dan in de meeste plaatsen in Nederland. Het leven van de 20.000 inwoners is verstrengeld met de visserij. Zeker 50 procent van de inwoners doet werk dat met vis te maken, schat de gemeente. En het visserbeleid wordt gedicteerd door de EU.

De lijst is lang: hoe wijd de mazen in het net mogen zijn. Dat er camera’s aan boord moeten. Waar je wel of niet mag vissen: Europa, Europa, Europa.

Het woord dat hier steeds in één adem met het referendum wordt genoemd, door vissers en niet-vissers: ‘discards’. Bijvangst die normaal wordt teruggegooid in de zee, moet sinds 1 januari terug naar de kade. „En die wordt lekker opgeteld bij het quotum”, de maximaal toegestane vangst – óók al zo’n Europese regel.

Een nee-stem was dan ook een stem tegen dit soort regels. Jacolien: „Ze beslissen daar in Brussel van alles, maar ze hebben geen enkel idee wat wij hier doen.”

In 2005 stemde men ook massaal nee

Dat is frustrerend. De afgelopen jaren is de helft van de viskotters gestopt, schatten de jongens van de Fant. Jacolien: „Mijn broers doen een opleiding om de visserij in te gaan, maar door die regels denken ze serieus na over binnenvaart.” Een Urkse stem tegen het associatieverdrag is een stem tegen Brussel.

Ook bij het vorige referendum, in 2005, was die Urkse afkeer van Europa al duidelijk. 92 procent stemde toen tegen de Europese Grondwet. De opkomst was verrassend hoog: 75 procent. Dit keer leek het er even op dat Urk thuis zou blijven. Bij een tussentijdse peiling ’s middags was de opkomst het laagst van het land.

Ook al zoiets Urks, zegt iemand van de gemeente: hier begint een groot deel al met werken als de rest van Nederland nog diep in slaap is, en de stembureaus dicht. En ’s middags is er ook geen tijd, dan eet iedereen warm. En om vijf uur eerst een kop koffie met „moeder de vrouw”. Om 21.00 uur was de opkomst met 36 procent alsnog hoger dan gemiddeld.

Verbaasd zijn de Urkers niet over de uitslag. Urkse koppen staan altijd dezelfde kant op. Ergens wringt het wel: is een nee-stem wel christelijk? Op Urk is de SGP de grootste partij, en Kees van der Staaij adviseerde juist om vóór het verdrag te stemmen. Veel Urkers geloven in God en naastenliefde is een groot goed. Oekraïners krijgen het misschien wel beter, als hun samenwerking met Europa inniger wordt.

Maar Nederland heeft zijn eigen problemen, zegt Jacolien. Werkloosheid, armoede, zorgkosten. Ze wijst naar haar opa Piet. „Ik maak me zorgen over zijn toekomst. Wordt er straks wel voor hem gezorgd?”

Gerrit Post haalt zijn schouders op. „Ik ben Hercules niet. Ik kan niet de hele wereld op mijn nek nemen.”