Nieuwe ster in Dylankleren met uitdagende pop

Noem hem gerust ontheemd. Max Meser is een Spanjaard die in Nederland een voedingsbodem vond voor zijn onstuitbare hang naar Britpop en psychedelische rockmuziek uit de sixties. Vier jaar geleden verhuisde hij, kind van een Catalaanse moeder en Nederlandse vader, naar Amsterdam waar hij zijn werk als barman in een seksclub combineerde met spelen, spelen en spelen. Was er ergens een talentenjacht, dan oefende Max er zijn prille liedjes die even hard naar Oasis wezen als naar The Beatles.

Zijn haar zat goed en zijn tengere lijf paste in het spijkerpak dat van Bob Dylan geweest had kunnen zijn. Woensdag presenteerde Max Meser zijn debuutalbum Change, met een band die het bovenzaaltje van Paradiso vulde.

Meser is gegroeid sinds hij schuchter op akoestische gitaar zijn eerste liedjes liet horen. Met hetzelfde goed vallende Beatlehaar is hij nu de bandleider die zijn Fender hanteert als roerhout van een niet te stuiten motorboot. Zijn songs, de single ‘Weak for love’ voorop, snijden door het water. „Deze is van mijn volgende plaat”, kondigde hij een nummer aan dat alweer beter klonk dan het album waaraan hij zo lang heeft gewerkt. Precies 43 minuten duurde zijn parade van melodierijke popliedjes met soms een snerpende mondharmonica. Of een ballad die geen ballad was, „omdat jullie anders in slaap zouden vallen”.

Max Meser en band gaan de komende weken het land in als voorprogramma van Douwe Bob. Meser heeft nog ruimte voor groei, in zijn Dylankleren en zijn muzikale expansiedrift. Laten we voor één keer eens hardop zeggen dat rock uit Nederland gewoon beter is dan al die prut uit Engeland.