Het uitbaten van Winnetou

De Duitse Uitgeverij Karl-May-Verlag uit Bamberg slaagde er in 2003 in de naam Winnetou als ‘gemeenschapswoordmerk’ geregisteerd te krijgen door het Merkenbureau van de Europese Unie (BHIM). Een meesterzet, want de bijbehorende marktbescherming gold voor een indrukwekkende reeks artikelen en diensten: van films tot drukwerk, van juwelierswaren tot cosmetica, van kleding tot spelletjes en vakantiekampen.

Juist die reikwijdte was de firma Constantin Film Produktion uit München een doorn in het oog. In eerste instantie werd haar eis om nietigverklaring van de brede merkregistratie nog afgewezen, maar in beroep werd zij grotendeels toegewezen. Voortaan gold de bescherming van de naam van de hoofdpersoon uit het oeuvre van Karl May alleen nog voor artikelen uit de categorie ‘drukletters en clichés’, zoals stickers, etiketten en kantoorspullen.

Die beperking was Karl-May-Verlag op zijn beurt weer te gortig. De uitgeverij tekende beroep aan bij het Gerecht van de Europese Unie en zag dat vorige maand gehonoreerd: het Gerecht vernietigde de beslissing van het Europees Merkenbureau om de reikwijdte van het woordmerk Winnetou drastisch in te perken.

Het Gerecht hekelt vooral dat het Merkenbureau geen (voorgeschreven) eigen onderzoek naar aard en karakter van de Winnetou-artikelen deed, maar beslissingen van Duitse rechters klakkeloos nakauwde en nauwelijks motiveerde. Het Merkenbureau moet zijn huiswerk overdoen. In afwachting daarvan kan Karl-May-Verlag in de merchandising van ‘Winnetou’ de hoofdrol blijven opeisen.