Duitse kritiek irriteert Europese Centrale Bank

Een nieuwe golf van Duitse kritiek op het beleid van de ECB valt slecht op het hoofdkantoor in Frankfurt. Vonden de Duitsers niet dat de ECB onafhankelijk moest zijn?

Onderhoudswerkzaamheden bij het gebouw van de ECB in Frankfurt. Foto Martin Leissl / Bloomberg

Niet alleen in Nederland, ook in Duitsland dreigt een taboe te sneuvelen in het debat over monetair beleid. Dat is het taboe op bemoeienis van de politiek met de Europese Centrale Bank (ECB) in Frankfurt.

Hoe meer de ECB haar trukendoos opent, hoe ongemakkelijker het grootste land van de eurozone zich voelt. Na de laatste ronde miljardeninjecties in de economie, waartoe de ECB in maart besloot, wordt in Duitsland de vraag gesteld of het zo wel verder kan met de ECB. Dat leidde donderdag, op een conferentie in Frankfurt, tot geprikkelde reacties van ECB-bestuurders.

De kern van de Duitse kritiek: Zuid-Europa profiteert van de almaar lagere rentes van de ECB, maar de Duitse burger, die graag spaart, moet bloeden. Bovendien raakt de negatieve ECB-depositorente financiële instellingen. De effecten van het monetaire beleid „voeden toenemend eurosceptische neigingen in een groeiend deel van de bevolking”, zei Wolfgang Schäuble, de minister van Financiën, deze week. De topman van de grote herverzekeraar Munich Re, Nikolaus von Bomhard, eist dat de Duitse regering ingrijpt en ECB-president Mario Draghi stopt. Ook Duitse parlementariërs roeren zich.

Opvallende geluiden

De geluiden zijn opvallend voor een land dat van oudsher sterk hecht aan de onafhankelijkheid van de centrale bank van de politiek. Nu het met het monetaire beleid volgens veel Duitsers de verkeerde kant opgaat, blijkt dit principe niet heilig.

„Er zijn in Duitsland veel aanvallen op de ECB”, zei de Belg Peter Praet, de hoofdeconoom van de ECB, op de conferentie. „Dit is soms moeilijk te verteren”, aldus een geïrriteerde Praet die een gebaar maakte of het hem tot hier zat. Het Franse ECB-directielid Benoît Coeuré zei dat hij „ontstemd” was over de „geluiden in Duitsland, dat de ECB minder onafhankelijk moet zijn”.

Het is de wereld op zijn kop. Toen de ECB werd opgericht, wilde Duitsland de centrale bank zo onafhankelijk mogelijk maken, mede om haar te beschermen tegen Franse politici die de geldpers zouden willen aanzetten. Nu roept een Fransman de Duitsers op de onafhankelijkheid van de centrale bank te respecteren.

Maar volgens Duitse aanwezigen op het seminar roept de ECB de kritiek over zichzelf af. De centrale bank, zo klonk het, kiest zelf een politieke rol door beleid te voeren dat  politieke effecten heeft. De massale opkoop door de ECB van staatsobligaties, bijvoorbeeld, zou overheden financieel ondersteunen. De ECB houdt vol dat het opkoopprogramma, evenals de lage rentes, nodig zijn om de inflatie (nu nabij de nul) op het doelniveau van 2 procent te krijgen.

In het 25-koppige ECB-bestuur zitten twee Duitsers. Zij maken deel uit van een Noord-Europese minderheid die weinig voelt voor Draghi’s koers, maar die te klein is om besluiten te blokkeren. Volgens de krant Die Welt moet Duitsland als grootste economie van Europa meer stemgewicht krijgen in het ECB-bestuur.

Er is alleen één probleem: daarmee zouden alle andere eurolanden moeten instemmen. En dat is onwaarschijnlijk, want dan moeten ze zelf macht afstaan.