Recensie

Schaatsers en elanden en een achtergrond van woeste bergen

Kinderboeken Het levensverhaal van oud-topschaatser Beorn Nijenhuis werd een kinderboek. Net als een ander prentenboek vol indrukwekkende landschappen geeft het een draai aan de werkelijkheid.

Illustratie Sanne te Loo uit ‘De jongen die met de dieren schaatste’.

Hoge sneeuwbergen, donkere naaldboombossen, een meer, een jongetje en een eland: wie De jongen die met de dieren schaatste van Edward van de Vendel en Sanne te Loo en Die eland is van mij van de Iers-Amerikaanse topillustrator Oliver Jeffers naast elkaar legt, voelt direct de vergelijkbare sfeer die deze nieuwe prentenboeken oproepen. De natuur, de ruimte – dit moet ergens in Canada zijn, of het noordwesten van de VS.

Natuurlijk, er zijn verschillen. De ene cover toont een winterlandschap, passend bij de titel van de schaatsende jongen. De andere doet zomers aan. Bovendien hebben de elanden een nogal ander formaat. Het grootste verschil zit ‘m echter in de jongetjes. Bij Die eland is van mij zie je een karakteristiek cartoonesk Jeffers-personage, dat in het majestueuze, kleurrijke landschap een wat bevreemdende uitwerking heeft. Bij Van de Vendel zie je een schaatsend kind, door Sanne te Loo realistisch verbeeld en qua houding goed getroffen.

Illustraties die spreken

Die tegenstelling – licht absurd versus realistisch – geldt ook voor de verhalen die de boeken willen vertellen. De jongen die met de dieren schaatste is het gefictionaliseerde levensverhaal van oud-topschaatser Beorn Nijenhuis die als achtjarige, op een meer in Canada vlakbij waar hij opgroeide en leerde schaatsen, besloot om ooit Olympiër te worden. Wie Jeffers’ boek openslaat en kennismaakt met de eigenzinnige Wilfred die trots zijn nieuwste bezit aan je presenteert – een aangewaaide eland – kan daarentegen spitsvondige zotternij verwachten. Wat opvalt, is dat in beide boeken het de illustraties zijn die spreken. De tekst is op zijn best ondersteunend.

Sanne te Loo maakte fraaie, verstilde beelden van het Canadese landschap uit Nijenhuis’ jeugd. Indrukwekkend is de openingsspread waarop de bossen zich blauwgroenig spiegelen in het stille meer, dat kort daarna verandert in glad, zwart ijs, omringd door winters wit. Als Beorn na een schaatswedstrijd tweede wordt, doorbreekt Te Loo die sprookjessfeer effectief: in passende zwartgrijze tinten vangt ze de gemoedstoestand van het gefrustreerde kind. Uiteindelijk groeit hij, hard trainend en vele schaatsrondjes verder, uit tot topschaatser. Sterk is het einde dat je terugbrengt bij de achtjarige Beorn. Het samenvallen van verleden en heden via sprekende, parallelle beelden van kind en volwassen schaatser, verbeeldt treffend het idee dat de volhouder wint en kinderdromen kunnen uitkomen.

Ritme van het schaatsen

Maar meer dan deze clichématige boodschap (hij zal tijdens de Winterspelen weer vaak gehoord worden) vertelt Beorns verhaal niet. En al past Van de Vendels tekst het ritme van het schaatsen soms erg goed - ‘Rondjes. Lucht. Adem/ Nergens aan denken. Harder/ Bochten. Harder. IJs.’ – je vraagt je af wat het toevoegt.

Hetzelfde geldt voor Jeffers’ boek. Ook zijn illustraties weerspiegelen perfect de kerngedachte die hij wil overbrengen: regels zijn er om gebroken te worden en vrijheidsverlangen is onbedwingbaar. Dat het licht anarchistische karakter hiervan om een meer absurde realiteit vraagt dan de wat brave schaats-moraal weet Jeffers als geen ander. Wat een goeie vondst om voor het cartoonachtig getekende avontuur van Wilfred die zich eland Marcel toe-eigent, de op Grand Teton (Wyoming) geïnspireerde landschapsschilderijen van Alexander Dzigurski als ondergrond te gebruiken.

En hoe veelzeggend is Wilfreds mimiek als hij letterlijk en figuurlijk in zijn bezitsdrang verstrikt raakt. Zo geeft Jeffers een eigen draai aan onze werkelijkheid, waardoor je die met andere ogen bekijkt. Dat maakt zijn boek interessanter dan Beorns verhaal. Tegelijkertijd berust ook Die eland is van mij te veel op slechts een idee, waaraan Jeffers’ tekst weinig toevoegt. Zeker, een goed idee is essentieel. Maar dat garandeert nog geen goed verhaal.