Meer referenda, want illusie van invloed maakt kalmer

Een referendum kan, al is het maar door een placebo-effect, de gebruikerservaring van onze rechtsstaat verbeteren, denkt Christiaan Weijts, die pleit voor meer burgerinvloed.

Illustratie Hajo

Dat knopje in de lift, om de deuren te sluiten, drukt u daar ook wel eens op? Doe dat de volgende keer eens niet, en inderdaad, ook dan schuift de deur dicht, en precies even snel. Het is een publiek geheim dat in liften van na 1990 die knop niet is aangesloten. Zoals vrijwel alle knoppen bij de voetgangerslichten in New York niet meer werken sinds ze computergestuurd zijn. Ze hebben dezelfde functie als de thermostaatknoppen in kantoren en bejaardenhuizen: de illusie van invloed maakt ons kalmer.

Woensdag heeft u ook op zo’n placeboknop gedrukt met uw stempotlood. Of u bleef thuis, en merkt nu dat de lift precies doet wat hij anders ook zou doen.

We willen op een knop kunnen drukken. We willen ons bestaan regisseren in plaats van nietige elektronen zijn in een apparaat dat we niet doorgronden.

Waarom zijn er ooit spiegels in liften opgehangen? Nee, niet om ze groter te maken. Het was omdat de eerste liften tergend traag waren, maar wie naar zichzelf kijkt in plaats van naar een lege muur vergeet dat hij staat te wachten.

De techniek achter onze democratische rechtsstaat functioneert heel behoorlijk. Het schort alleen aan de gebruikerservaring, en die is vaak met kleine foefjes te verbeteren, zonder het hele systeem te hoeven omgooien.

Mijn vijfjarige dochter leg ik elke ochtend een referendum voor. Wil je die blauwe spikkeltjestrui of die paarse met strepen? Omdat een totale keuzevrijheid steevast in een burgeroorlog ontaardt, krijgt ze een simpele tweekeuzevraag voorgelegd en zit ze innig tevreden aan het ontbijt.

Dit berust nog maar deels op het placebo-effect. Als kiezer heeft zij weldegelijk reële macht. Democratie volgens het meisjesgarderobemodel. Het is niet op alle terreinen toe te passen, maar lijkt me uitstekend inzetbaar bij die verkiezingen waar het dringendst behoefte aan lijkt: de bondscoach van het Nederlands elftal, de presentator van Zomergasten en de pietkleur in het Sinterklaasjournaal.

Je kunt nog een stapje verder gaan. De beste remedie tegen zo’n buurman die vindt dat je je tuinhekje op de verkeerde manier staat te schilderen is hem zelf de kwast in handen drukken. Maar je wilt niet dat hij je hele hekwerk verprutst, dus je geeft hem een klein hoekje.

Geef de ontevreden burger iets waar hij verantwoordelijk voor is, al is het maar een moestuin of een huisdier. Als je de geïndividualiseerde burger betrekt bij besluitvormingen kan dat de onvrede en afstand verminderen. Ik denk allereerst aan een vorm van juryrechtspraak. Nederland is vrijwel het enige land in Europa dat geen enkele vorm van burgerparticipatie in de rechtspraak heeft, en voor de gebruikerservaring van die rechtsstaat is dat niet bevorderlijk. Hoe zwaar je de jurystem laat meewegen is een ander verhaal, maar als investering in sociale samenhang is het een mooi instrument.

Daarom ben ik voor méér referenda, die dan hopelijk ook wat goedkoper kunnen. Via DigiD, dat verhoogt meteen het opkomstpercentage. En vooral hoop ik dat ze zullen gaan over beleid waar echte invloed op mogelijk is. In de praktijk zullen dat lokale kleinigheidjes zijn – de kap van bomen, het betaald parkeren, de inrichting van een nieuw plein – maar die zijn juist veel wezenlijker voor ze dan het handelsverdrag met Oekraïne. Meebeslissen in het klein geeft de burger weer grip, zodat hij zichzelf tevreden kan aankijken in de spiegel.

Christiaan Weijts is schrijver