De woningmarkt trekt aan, maar regionale verschillen blijven groot

De keuze voor kopers is minder geworden, zegt NVM, en de prijzen zijn gestegen.

Archiefbeeld. Foto Robin Utrecht / ANP

Huizenkopers hebben minder keuze in hun zoektocht naar een woning. In de eerste drie maanden van 2016 stonden 17 procent minder huizen te koop dan dezelfde periode een jaar eerder. Dat blijkt uit de kwartaalcijfers die de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) donderdag presenteerde. In het eerste kwartaal van 2016 had een woningzoekende gemiddeld tien woningen om uit te kiezen, terwijl dat er een jaar eerder vijftien waren. Op het dieptepunt van de crisis stonden per koper vijfentwintig tot dertig woningen te koop.

De woningmarkt trekt in 2016 verder aan. De groei houdt sinds de crisis al elf kwartalen op rij aan, zei NVM-voorzitter Ger Hukker. In het eerste kwartaal van 2016 verkochten makelaars van NVM een vijfde meer woningen dan in dezelfde periode een jaar eerder.

Ook de prijzen blijven stijgen. Een huis kost nu gemiddeld 225.000 euro, 5.5 procent meer dan het jaar geleden. In de buurt van de periode voor de crisis zijn de prijzen nog niet: ze liggen nog altijd meer dan 9 procent onder het niveau ten tijde van de start van de crisis.

De tweedeling tussen stedelijk en regionaal gebied blijft “onverminderd groot”, volgens Hukker. In Amsterdam werden tegen de trend in 2 procent minder huizen verkocht, maar wel tegen een uitzonderlijk hoge prijs: 20 procent hoger dan dezelfde periode in 2015. Voor steden als Utrecht en Groningen geldt in iets mindere mate hetzelfde, namelijk het “droogkoken” van de markt door een gebrek aan aanbod. Hukker: “In de hoofdstad hoef je maar te fluisteren dat je je huis wil verkopen of je hebt een briefje van de makelaar onder de mat.”

Regio’s in Noord-Brabant, het zuidoosten van Groningen en het gebied rond Den Helder blijven achter bij de rest van het land.

Hukker waarschuwde voor haperende doorstroming van de markt. Een van de oorzaken daarvoor is volgens hem het grote aantal huishoudens dat een restschuld over zou houden na verkoop, en liever nog even afwacht. Ook een ingebakken angst door de economische crisis speelt een rol, ondanks de huidige lage hypotheekrente. Dat is niet alleen maar nadelig: “De onzekerheid van de consument zorgt ervoor dat er geen nieuwe huizenbubbel komt”, zei Hukker.