Referendum laat Russen koud: relatie Westen kan niet slechter

Het verdrag? Dat was twee jaar geleden actueel, zegt een Russische expert. „Oekraïne moet kiezen.”

Een muurschildering op de Krim, vlak na het referendum in maart 2014, suggereert dat Poetin mensen helpt zich uit het ‘moeras’ van Oekraïne te bevrijden. Foto Pierre Crom

De Russische politicoloog Oleg Bondarenko is oprecht een beetje verbaasd. „Sorry hoor, maar dat is totaal niet meer relevant.” De vraag was of een Nederlands ‘nee’ tegen het associatieverdrag tussen de EU en Oekraïne een zege betekent voor de Russische president Poetin. Natuurlijk, zegt Bondarenko, als Nederland tégen stemt, is dat „op zich in het belang” van Rusland. Maar denk nou niet dat men zich er in Moskou erg druk over maakt.

„Twee jaar geleden was het associatieverdrag een actuele kwestie”, zegt hij. „Sindsdien hebben we een complete staatsgreep gehad in Oekraïne onder de vlag van Europese integratie. Voor het Kremlin draait het nu in de eerste plaats om het regelen van de situatie in de Donbas.”

Oleg Bondarenko is bepaald geen liberaal. In zijn column in de regeringsgezinde krant Moskovski komsomolets suggereerde hij dat de Amerikaanse vicepresident Joe Biden een goede vervanger zou zijn van de al weken bungelende Oekraïense premier Jatsenjoek. De annexatie van de Krim omschreef hij als een „Russische wedergeboorte”.

In Nederland wordt het referendum gekoppeld aan de relaties met Rusland. Volgens het nee-kamp is het associatieverdrag een nodeloze provocatie en zet Nederland de toch al niet beste relatie met Moskou verder op het spel. Voorstanders waarschuwen dat Poetin garen spint bij een Nederlandse afwijzing.

Profiteert Poetin?

Russische experts bestrijden dat. NRC belde met zes politicologen, uit beide kampen. De Russische Kremlin-watchers zijn opvallend gelijkgezind: voor de regering-Poetin is het associatieverdrag een gepasseerd station. De uitslag van het referendum heeft nauwelijks invloed op de relatie met Rusland.

„Dat argument gaat niet meer op”, zegt Sergej Oetkin. Hij is verbonden aan de Raad voor Internationale Vraagstukken, de liberaal getinte denktank van oud-minister van Buitenlandse Zaken Ivanov. „De problemen in de verhouding met Rusland en tussen Rusland en Oekraïne zijn een feit. Tot de crisis was uitstel van de ondertekening van het verdrag een verstandige stap. Nu de boel niet meer terug te draaien is, zullen de problemen die het gevolg zijn van dat verdrag gewoon bestaan.”

Met die ‘problemen’ doelen de experts niet alleen op de ijzige verhouding tussen Europa en Rusland, vooral ook op de westerse sancties, ingesteld na Ruslands annexatie van de Krim en de oorlog in het oosten van Oekraïne. „Natuurlijk wrijft men zich in de handen als de Nederlanders ‘nee’ stemmen”, zegt Joeri Borko, chef van het EU-informatiecentrum en het Europa-instituut aan de Russische Academie van Wetenschappen. „Alles wat de regering in Kiev schade toebrengt, bevalt de leiding hier. Op de echte verhouding tussen Den Haag en Moskou heeft het geen fundamenteel effect. De sancties blijven immers van kracht.”

Ruttes uitspraak dat Nederland tegen het EU-lidmaatschap van Oekraïne is, was nieuws in Rusland. Dat geldt ook voor het referendum. Maar Moskou doet geen ferme uitspraken. „Ik heb niet veel activiteit aan Russische zijde gezien”, zegt Jevgeni Mintsjenko, directeur van het Internationale Instituut voor Politieke Expertise. „Een ‘nee’ wordt waarschijnlijk in Rusland positief opgevat. Maar je kunt niet zeggen dat het van invloed is op het Russische beleid.”

Zelfs Sergej Markov noemt het referendum geen belangrijk moment. De directeur van het Instituut voor Politieke Studies slaat in de media een antiwesterse toon aan. Het associatieverdrag beschouwt hij als een „semikoloniaal” document dat voor Oekraïne slechts „armoede” en het „einde van politieke onafhankelijkheid” betekent. Een afwijzing valt zeker goed in Rusland, zegt Markov. „Maar de verhoudingen tussen Rusland en Nederland hangen niet af van de uitslag, maar van de acties van de Nederlandse regering daarna. Het is niet uitgesloten dat de Nederlandse regering de weigering het associatieverdrag te tekenen gepaard laat gaan met andere anti-Russische stappen, ter compensatie van die beslissing.”

Schisma heeft zich voltrokken

Slechter kunnen de verhoudingen tussen Europa en Rusland eigenlijk niet meer worden, zegt ook Konstantin Entin. Hij is verbonden aan het Centrum voor Europese en Internationale Studies en adviseur van de economische geschillencommissie van de Euraziatische Unie, de Russische EU-tegenhanger. Hij ziet de EU-top in Vilnius in 2013, waarbij het associatieverdrag met Oekraïne werd goedgekeurd, als een keerpunt. De „dramatische gevolgen” van dat besluit, zegt Entin, hebben zich al voltrokken: „Het schisma tussen Rusland en Oekraïne en tussen Rusland en het Westen. Oekraïne is gedwongen een keuze te maken – en nu is er geen weg terug meer.”