‘Als ik voor paal sta: jammer dan’

Shakespeare-acteur Ralph Fiennes valt de laatste tijd vooral op met lichtere rollen, zoals een louche muziekproducent Harry, die in ‘Bigger Splash’ zijn ex wil terugwinnen. „Ik durf nu meer.”

Muziekproducer Harry (Ralph Fiennes) met dochter Penelope (Dakota Johnson)

Acteur Ralph Fiennes (Ipswich, 1962) is vooral bekend van het zwaardere werk. Hij is een gerenommeerd Shakespeare-acteur en kreeg Oscarnominaties voor zijn rol in oorlogsdrama The English Patient (1992) en als nazi in Schindler’s List (1993). Maar de laats te tijd valt hij juist eerder op met lichtere rollen: als de libidineuze Monsieur Gustave H. in The Grand Budapest Hotel van Wes Anderson en als een Britse filmregisseur in de grappigste scène van Hail, Caesar! van Joel en Ethan Coen.

Fiennes kon helemaal losgaan in A Bigger Splash, de nieuwe film van de Italiaanse regisseur Luca Guadagnino (Io sono l’amore, 2009). Fiennes speelt de luidruchtige, praatgrage muziekproducer Harry die in het verleden onder meer de Rolling Stones onder zijn hoede had. Hij verstoort, vergezeld van zijn dochter (Dakota Johnson) de vakantie van zijn voormalige vriendin en Bowie-achtige popster Tilda Swinton en haar nieuwe, jongere vriend Matthias Schoenaerts, in een omslachtige poging haar terug te winnen. „Dit is waarschijnlijk de meest extraverte rol die ik ooit gespeeld heb”, zegt Fiennes op het filmfestival van Venetië. „Ik heb nog nooit zoveel lol gehad in een rol. Ik heb in ieder geval nog nooit eerder hoeven dansen op een nummer van de Stones. Heerlijk.”

Uw kwaliteiten als danser in de film zijn indrukwekkend. Was er veel geïmproviseerd?

„Helemaal niks. Ik heb lang gewerkt met een danscoach, Ann Yee. Ik had haar hulp ook echt nodig. Ik heb eerst met haar gewerkt in Londen, en later is ze ook naar Pantelleria gekomen, het eiland in de buurt van Sicilië waar we de film hebben gedraaid. Daar oefenden we in een oude bioscoop. Als ik even niks te doen had op de set, deed ik mijn iPod op om naar Emotional Rescue van de Stones te luisteren en te oefenen. Zo’n geweldige song. Door al die training had ik het vertrouwen om gewoon te gaan dansen. Ik hou van dansen en hoe ouder ik word, hoe minder ik ermee zit dat ik mezelf misschien voor paal zet.”

Zijn er overeenkomsten tussen acteren en dansen? Sommige acteurs zoals Christopher Walken zijn ook geweldige dansers.

„Ik ben altijd iemand met twee linkervoeten geweest. Van vriendinnen kreeg ik vroeger te horen dat ik er echt verschrikkelijk slecht in was, omdat ik te veel met mijn hoofd danste. Maar inmiddels durf ik me meer te laten gaan en dat maakt veel verschil.”

Heeft u nu meer vertrouwen in uw kwaliteiten als komisch acteur?

„Ja. Als het script goed geschreven is en de rol is geschikt voor mij, dan wel.”

U speelt nog steeds veel in het theater naast uw filmwerk. Geeft toneel meer bevrediging?

„Acteren in het theater heeft een zekere puurheid die film niet heeft. Je werk als acteur voor een film wordt altijd in kleine stukken gehakt. Je bent als acteur afhankelijk van wat de regisseur en de editor met je werk doen. In het theater communiceert een acteur direct met het publiek. Als dan op een avond alles op zijn plaats valt, is dat een ervaring die nergens mee te vergelijken valt.”

Waarom wilde u deze tamelijk louche producer, Harry, graag spelen?

„Juist omdat hij zo louche is. Hij is een provocateur, iemand die de boel graag op stelten zet, een man die zo eerlijk is tegenover andere mensen dat het soms gênant wordt. Maar onder zijn grote mond en al dat aandachttrekken, is hij eigenlijk een verloren ziel. In de film zegt hij ergens: ‘We zijn allemaal obsceen, maar toch houden we van elkaar.’ Dat zinnetje was eigenlijk de reden dat ik de rol wilde doen. Die zin heeft iets heldhaftigs. In Harry zit ook wel iets van mijn broer, Magnus, die ook muziekproducent is. Ik heb zijn advies gevraagd voor de rol. Mijn broer heeft iets van die krankzinnige energie, al is hij misschien niet zó manisch als Harry in de film. Ik denk dat Magnus van de film zal genieten, als hij tenminste niet beledigd is.”

Harry produceerde de Stones toen ze niet meer zo geweldig waren. Maar hij danst op ‘Emotional Rescue’, gemaakt toen hij zestien was, vertelt hij in de film. Best treurig.

„Ik speel mijn eigen leeftijd. Ik was inderdaad zestien toen Emotional Rescue uitkwam, en ik heb toen ook op die plaat gedanst.”

Begrijpt u de aantrekkingskracht van het rock-’n-roll-leven?

„Dat begrijp ik volledig, op het gevaarlijke af. Dat appelleert aan al mijn verkeerde instincten.”

De Beatles of de Stones?

„De Stones, geen twijfel mogelijk. Ik hou ook wel van de Beatles, maar de energie tussen Mick Jagger en Keith Richards is iets ongelooflijks.”