Column

Stukjes

Bij het verlaten van het Amsterdamse restaurant Amstelhoeck aan de Amstel moet ik om drie mensen heen – een echtpaar en een wat oudere vrouw – die de uitgang enigszins versperren. Ze spreken Engels en staan op het punt afscheid van elkaar te nemen.

Ik begrijp dat ze een deel van de dag met elkaar hebben doorgebracht. „You have such joy with each other”, zegt de oudere vrouw bewonderend. Het echtpaar lacht een beetje bedremmeld, ze weten niet goed wat terug te zeggen. Dan zegt de oudere vrouw: „I had that too.

Het echtpaar wendt zich langzaam af naar het restaurant, de vrouw wacht nog even en draait zich dan om naar het trottoir terwijl ze een vaag, wuivend gebaar maakt.

• • • • • • • • • •

Op de Belgische televisie hoorde ik laatst een politicus enkele malen zeggen dat hij een of andere beslissing „met stoom en kokend water” zou uitvoeren. Ik wist wel wat hij bedoelde, maar moest bekennen dat ik de uitdrukking nooit eerder had gehoord. Of was het geen uitdrukking, maar zijn eigen vondst? Toen hoorde ik enkele dagen later premier Rutte – ik meen in een vraaggesprek – hetzelfde zeggen.

Ik zocht het op, vond de uitdrukking niet in een boek met Nederlandse spreekwoorden, spreuken en zegswijzen, maar wel op internet bij VoedingOnline in een overzicht van spreekwoorden met water. De toelichting: „Iets heel snel uitvoeren”.

U kende de uitdrukking natuurlijk wél, maar kende u ook de volgende die ik uit hetzelfde overzicht opdiep: „Als je in water poept, zal het naar boven komen drijven” (Alles wat je stiekem doet, komt toch een keer uit), „Hij is verdronken eer hij water gezien heeft” (Hij heeft zich verbonden aan een meisje terwijl hij nog niet eens echt volwassen is) en „Als het water stilstaat, stinkt het” (Wie niets te doen heeft, vervalt tot kwaad).

• • • • • • • • • •

Toen ik zondagmiddag 27 maart op de Herengracht langs hotel Waldorf Astoria kwam, stond een kleine, nieuwsgierige menigte voor de ingang te wachten. Allemaal Marokkanen. Ik liep er beschroomd langs in het besef dat ik hier niets te zoeken had. Maar waar wachtten ze op? Ik vroeg het een Marokkaanse jongen, die net op de hoek zijn scooter had geparkeerd om zich bij de menigte te voegen.

„De koning van Marokko!”, riep hij verheugd. Ik herinnerde me dat ik die inderdaad in de krant gezien had op een foto van zijn bezoek aan Amsterdam. Hij droeg een soort ijstrui, zodat hij eruitzag als een blije schaatssupporter in Thialf. „De koning heeft ook in óns Amsterdam gestudeerd”, zei de jongen met een onmiskenbaar Amsterdams accent. Ik werd er een stuk optimistischer door, ook al bleek later dat het niet klopte: de koning studeerde in Nice.

• • • • • • • • • •

Tijdens de manifestatie op de Dam afgelopen zondag over het Oekraïne-referendum spreekt een mij onbekende lezer mij aan. „Valt u ook op dat je de nee-stem hier niet hoort?”, vraagt hij somber. „Dit is een bijeenkomst voor de ja-stem”, antwoord ik. „Het tegengeluid ontbreekt overal in de media”, vervolgt hij, „Thierry Baudet zit nooit in Buitenhof.” „Wel degelijk”, zeg ik. Hij kijkt me verbluft aan. „Dus u wilt beweren dat de Nederlandse media een objectieve rol spelen?”, vraagt hij. „Meestal wel”, zeg ik. „Dan moet ik een einde aan dit gesprek maken”, zegt hij, en vervolgt zijn weg.