Spring break forever

Schrijfster Pia de Jong is met haar gezin verhuisd van Amsterdam naar Princeton, in de VS. Ze schrijft wekelijks over wat haar daar opvalt.

Illustratie Eliane Gerrits

Het is een Amerikaans ritueel: spring break. De voorjaarsvakantie is de enige echte vrije week in het jaar voor alle scholieren en studenten. Jongeren trekken massaal naar Florida en de Caraïben, die voor een week veranderen in een grote cocktail van vrienden, zon, zee, strand, drank, drugs en seks, vooral veel seks.

De sensatiefilm Spring Breakers (2013) geeft het cliché goed weer. Vier meisjes gaan naar Florida en belanden in een avontuur vol drugs en geweld. De meisjes zijn de hele film door in bikini te bewonderen. Een recensent schreef dat de camera als een gigantische tong over hun lichamen heen en weer glijdt. ‘Spring break forever’ is sinds die film een begrip.

Het verhaal is een louche versie van Where The Boys Are (1960). Ook in deze lowbudgetfilm gaan vier meisjes in de paasvakantie naar Florida, zogenaamd om de sneeuw te vermijden. In werkelijkheid gaan ze op zoek naar jongens. Je ziet hoe uitgelaten jongeren het strand overspoelen en alles doen wat thuis niet mag. „Waar is het strand?”, is de zin die telkens terugkeert. Oftewel, waar gebeurt het? Het was deze film die jonge babyboomers spontaan het „fomo-gevoel” gaf: fear of missing out. Massaal ging men de film naspelen en een traditie was geboren.

Mijn buurman kan het zich allemaal nog goed herinneren. Hij was toen een middelbare scholier en ging op de bonnefooi met zijn vrienden naar Florida. Daar kocht hij een aapje in de hoop meer indruk op de meisjes te maken. Maar de aap beet, maakte alles kapot en joeg de meisjes alleen maar schrik aan. Hij en zijn vrienden brachten de week stomdronken door. Zonder meisjes, en uiteindelijk zonder aap.

Ook mijn kinderen willen spring break in de zon vieren. Om een vakantieplek te vinden, moet je al maanden van tevoren boeken, wat ik natuurlijk niet had gedaan. Ik kon nog net terecht in Jamaica.

Op zaterdagochtend stonden we in alle vroegte op het vliegveld met honderden uitgelaten Amerikanen. Naast ons zat een groep zestigers die zich vol nostalgie uitliet over de uitspattingen in hun studententijd.

Na een paar dagen kwamen we deze originele spring breakers tegen op een boottocht. Ik herkende meteen een van de vrouwen. In het vliegtuig had ze zich voorgesteld als docent biologie. Een keurige dame. Nu stond ze op de punt van de boot te dansen en dronk aan één stuk door rum punch. Uit volle borst zong ze mee met Bob Marleys No Woman No Cry, met een dikke joint in haar hand.

Mijn dochter keek geschokt naar de wild heen en weer springende vrouw in haar veel te kleine rode bikini. Het kledingstuk was het enige wat met de jaren niet was gegroeid en had de grootste moeite de boel bij elkaar te houden. Wanhopig flirtte ze met de rastakapitein die zich vooral opgelaten leek te voelen. Op het laatst was de vrouw zo dronken en stoned dat ze door de bemanning de boot afgedragen moest worden. Mijn dochter keek haar met grote ogen na. Is dat wat docenten doen na schooltijd?

De volgende dag passeren we de vrouw op het strand. Ze ligt in katzwijm op een strandstoel met in haar hand een bloody mary tegen de kater. Over haar vuurrode huid draagt ze een T-shirt met de tekst Spring break forever.