De verleiding

Soms denk ik dat ik meer moet bewegen. Dat ik minder uren moet doorbrengen op de chaise longue, kijkend naar wielerwedstrijden op de televisie. Er is altijd wel iets te zien. Ik tik deze woorden op maandagochtend. Nog drie minuten en het is alweer middag. Wat zal ik doen straks? Voor de eerste etappe van de Ronde van het Baskenland hangen, rechtstreeks op Eurosport, of zelf in het zadel klimmen voor een ritje door de Peel? Een dilemma.

Zaterdag stond ik voor eenzelfde dilemma. De fiets op, of toch maar onderuitgezakt kijken naar de rechtstreekse reportage van de Volta Limburg Classic die uitgezonden werd op het regionale kanaal. Ik koos voor het laatste want er was een excuus: napijn in de benen van een ritje twee dagen eerder. Het was een juist excuus.

De Volta Limburg Classic, voorheen De Hel van het Mergelland, was een koers die zich ontwikkelde met de snelheid van een John Lanting-klucht. Telkens gingen nieuwe en andere deuren open. Je wist niet meer naar welke deur te kijken. Het leek zelfs een vergissing dat de jonge Floris Gerts van de ploeg BMC de wedstrijd won. Tot op dit moment is niet duidelijk of de grote meester Philippe Gilbert hem in de finale het zetje gaf om te demarreren of dat hij hem ordonneerde de rode loper voor hem uit te rollen. Prachtkoers.

Weer een dilemma op zondag. Verleidelijk was het om de Vlaamse Hoogmis vanaf de voorbeschouwingen tot en met de nabeschouwingen te volgen. Alles bij elkaar zou het meer dan een werkdag op de chaise longue inhouden. Maar ik vermande me. Tussen één en drie zat ik daadwerkelijk in het zadel. Het was twintig graden; de benen ontdooiden.

En zo kwam het dat ik gestrekt en ongewassen, met de koersschoenen nog aan en een fles pils tegen de lippen, net op tijd was voor de onorthodox vroege aanval van Sagan. Peter Sagan is een geval apart. Een paar jaar geleden vreesde ik ervoor dat het talent vermoord werd in de ploeg Liquigas. Te pas en te onpas werd hij opgesteld en te pas en te onpas gaf hij alles. Betere omstandigheden om uit te doven waren er niet voor een jonge coureur.

Sagan praat als een landloper, maar dat kan hem niets schelen. Hij ziet eruit als een landloper en ook dat kan hem niets schelen. Naar het schijnt heeft hij de gewoonte af en toe duchtig de fles te hanteren onder controle. Op een schokkende manier is hij zichzelf.

Sagan op de Patersberg, het laatste schilderijtje van de kruiswegstatie. Onwrikbaarder dan de kasseien is hij. Klompvoeten, ogenschijnlijk. Hij klimt vanuit de knieën, wat waarschijnlijk zijn geheim is. De landloper van vier miljoen scheidt het afval. Prachtkoers, alweer.