Comfortabele zege Ajax op PEC, dat zich voegt naar figurantenrol

Het was, zei Ajax-coach Frank de Boer, maar goed dat de wedstrijd „niet heel sprankelend was” tegen PEC Zwolle. „Zo kon alle aandacht naar Johan.”

Zijn ploeg won zondag met 3-0 en herpakte de koppositie nadat PSV zijn ‘op papier’ moeilijkste wedstrijd van de laatste zes speelronden zaterdag met overtuiging had gewonnen: bij AZ werd het 4-2.

In de stemmige ambiance rond de herdenking van Johan Cruijff was in de Amsterdam Arena zondagmiddag in niets te merken dat de thuisploeg onder druk zou staan vanuit Eindhoven. De grootste dreiging, zei aanvoerder Davy Klaassen, zat in de onwerkelijkheid van de gelegenheid. „Je zag bij Barcelona dat de emotie effect kan hebben.” Maar in tegenstelling tot Real in de clásico was PEC, ook tegenstander in het laatste officiële duel van de toen Feyenoorder Cruijff in 1984, niet bij machte de eredienst in de war te sturen.

Het duel ving, zoals alle wedstrijden deze speelronde, aan met een minuut stilte. Twee minuten later trof Lasse Schöne al doel met het hoofd. Er was de ovatie in minuut veertien. De ontketende spits Arek Milik was voor rust nog dicht bij een hattrick, maar omdat zijn knappe achterwaartse kopbal op de lat kwam, bleef hij steken op twee goals: zijn 17de en 18de. Daar hield het in sportieve zin wel op.

De in het stadion aanwezige Jordi Cruijff sprak via het videoscherm tot het publiek, in de rust werden beelden vertoond van de meester uit een grijs verleden.

Brok in de keel al met al voor Klaassen, de enige huidige Ajacied die Cruijff persoonlijk kende. In 2013, tijdens een slepende liesblessure, haalde Cruijff hem naar Barcelona waar de speler volgens hem in betere medische handen was. Er volgden ontmoetingen, een diner zelfs. Cruijff sprak, Klaassen luisterde. „Het is dan niet dat je hem gaat uitleggen: het zit zo en zo.” Zijn favoriete Cruijff-moment? „Dat loppie tegen Haarlem.”

Het doel voor Ajax nu is, in Klaassens woorden, „Cruijff eren met de landstitel”. Nog vijf duels.