Nieuw contrabasconcert van Padding is grote aanwinst

Martijn Padding heeft iets met underdogs. De componist

schreef concerten voor instrumenten die zelden in de spotlights staan, zoals harmonium en mandoline. In het Concertgebouw klonk dit weekend wederom een concert van Padding voor een ongebruikelijk solo-instrument: de contrabas.

Reports From the Low Country heet het stuk dat Padding (1956) voor en met Rick Stotijn schreef. De titel verwijst naar Nederland, en ook naar het lage register van de contrabas. Padding componeerde etudes voor Stotijn om de mogelijkheden van speler en instrument te verkennen, sommige daarvan belandden ook in het concerto, zoals het albertijnse baspatroon (begeleiding van gebroken akkoorden) waarmee het stuk opent. De bas probeert zich vervolgens in te passen in het orkest, maar het orkest laat het niet zomaar toe, met een lekkere ritmische wisselwerking tot gevolg.

Stotijn kan zijn bas laten klinken als een viool klinken, maar mocht van Padding ook ruig spelen: als een volleerd rockabilly-bassist sloeg hij op de snaren. Het Radio Filharmonisch Orkest voedde de luisteraars met goed gedoseerde prikkels (koeien-geloei, fluitjes), terwijl de baslijn voor consistentie zorgde. Ook mooi: de accordeon die de bas als een schaduw volgde. Reports From the Low Country is niet alleen een aanwinst voor het contrabasrepertoire, het is uitstekende reclame voor de nieuwe muziek in het algemeen.