‘Voor Poetin is jullie referendum totaal irrelevant’

Oekraïnereferendum De uitslag van het referendum zal geen invloed hebben op de verhouding met Moskou, zeggen zes Russische politicologen van diverse achtergrond tegen NRC. Het is al te laat om de schade te herstellen.

Premier Mark Rutte (L) tijdens zijn ontmoeting met de Russische president Vladimir Poetin, voorafgaand aan de opening van de Olympische Spelen in Sotsji in 2014. Foto: Robin Utrecht/ANP

De Russische politicoloog Oleg Bondarenko is oprecht een beetje verbaasd. „Sorry hoor, maar dat is totaal niet meer relevant.” De vraag was of een Nederlands ‘nee’ tegen het Associatieverdrag tussen de EU en Oekraïne een overwinning betekent voor de Russische president Poetin.

Natuurlijk, zegt Bondarenko, als Nederland tégen stemt op 6 april, dan is dat „op zich in het belang” van Rusland. Maar denk nou niet dat men zich in Moskou erg druk maakt over het Hollandse plebisciet.

„Twee jaar geleden”, zegt Bondarenko, „toen was het associatieverdrag met de EU een actuele kwestie. Sindsdien hebben we een complete staatsgreep gehad in Oekraïne onder de vlag van Europese integratie. Voor het Kremlin draait het nu in de eerste plaats om het regelen van de situatie in de Donbas.”

Oleg Bondarenko is bepaald geen liberaal. In zijn column in de regeringsgezinde krant Moskovsky Komsomolets suggereerde hij dat de Amerikaanse vicepresident Joe Biden een goede vervanger zou zijn van de (afgetreden) Oekraïense premier Jatsenjoek. De annexatie van de Krim omschreef hij als een ‘Russische wedergeboorte’.

Nodeloze provocatie

In Nederland wordt het referendum van 6 april bijna automatisch gekoppeld aan de relaties met Rusland. Volgens het ‘nee’-kamp is het Associatieverdrag een nodeloze provocatie en zet Nederland de toch al niet beste relatie met Moskou verder op het spel. Voorstanders waarschuwen dat president Poetin garen spint bij een Nederlandse afwijzing.

Russische experts bestrijden dat echter. NRC belde met zes politicologen, uit beide kampen. De Russische Kremlinwatchers zijn opvallend gelijkgezind: voor de regering-Poetin is het associatieverdrag een gepasseerd station. De uitslag van het referendum, volgende week, zal daarom nauwelijks invloed hebben op de relatie met Rusland.

„Dat argument gaat niet meer op”, zegt bijvoorbeeld Sergej Oetkin. Hij is verbonden aan de Raad voor Internationale Vraagstukken, de liberaal getinte denktank van oud-minister van Buitenlandse Zaken Ivanov. „De problemen in de verhouding met Rusland en tussen Rusland en Oekraïne zijn een feit. Tot de crisis was uitstel van de ondertekening van het verdrag een verstandige stap geweest. Maar nu de boel niet meer is terug te draaien, zullen de problemen die het gevolg zijn van dat verdrag gewoon bestaan.”

Met die ‘problemen’ doelen de experts niet alleen op de ijzige verhouding tussen Europa en Rusland, maar vooral ook op de Westerse sancties die zijn ingesteld na Ruslands annexatie van de Krim en de oorlog in het oosten van Oekraïne. „Natuurlijk wrijft men zich in de handen als de Nederlanders nee stemmen tijdens het referendum”, zegt Joeri Borko, die leiding geeft aan het EU-informatiecentrum en het Europa-instituut aan de Russische Academie van Wetenschappen. „Alles wat de regering in Kiev schade toebrengt, bevalt de leiding hier. Maar op de werkelijke verhouding tussen Den Haag en Moskou zal het geen fundamenteel effect hebben. De sancties blijven immers van kracht.”

Semikoloniaal document

Het interview van premier Rutte, waarin hij zei dat Nederland tegen het EU-lidmaatschap van Oekraïne is, was nieuws in Rusland. Hetzelfde geldt voor het referendum. Maar de Russische regering heeft zich tot nu toe onthouden van ferme uitspraken. „Ik heb in de aanloop naar het referendum niet veel activiteit aan Russische zijde gezien”, zegt Evgeni Mintsjenko, directeur van het Internationale Instituut voor Politieke Expertise. „Als het een ‘nee’ wordt, zal dat waarschijnlijk in Rusland positief worden opgevat. Maar ik denk dat je niet kunt zeggen dat het van invloed is op het Russische beleid.”

Slechter kunnen de verhoudingen tussen Europa en Rusland eigenlijk niet meer worden

Konstantin Entin adviseur Euro-Aziatische Unie

Zelfs Sergej Markov ziet het referendum niet als een belangrijk moment in de verhoudingen. De directeur van het Instituut voor Politieke Studies treedt vaak op in de media en slaat dan een anti-Westerse toon aan. Het Associatieverdrag beschouwt hij als een „semikoloniaal” document dat voor Oekraïne slechts „armoede” en het „einde van politieke onafhankelijkheid” zal betekenen. Een afwijzing van dit verdrag zal in Rusland zeker goed vallen, zegt Markov. „Maar de verhoudingen tussen Rusland en Nederland zullen niet afhangen van de uitslag van het referendum, maar van de acties van de Nederlandse regering daarna.” Markov heeft daar weinig vertrouwen in. „Het is niet uitgesloten dat de Nederlandse regering de weigering om het Associatieverdrag te tekenen gepaard laat gaan met andere duidelijke anti-Russische stappen, als compensatie van die beslissing.”

Slechter kunnen de verhoudingen russen Europa en Rusland eigenlijk niet meer worden, zegt ook Konstantin Entin. Hij is verbonden aan het Centrum voor Europese en Internationale Studies en adviseur van de economische geschillencommissie van de Euro-Aziatische Unie, de Russische tegenhanger van de EU. Ook Entin markeert een duidelijk punt in de tijd: de EU-top in Vilnius in 2013, waarbij het associatieverdrag met Oekraïne werd goedgekeurd. De „dramatische gevolgen” van dat besluit, zegt Entin, hebben zich intussen al voltrokken: „Het schisma tussen Rusland en Oekraïne en tussen Rusland en het Westen. Oekraïne is gedwongen een keuze te maken – en nu is er geen weg terug meer.”