Ja

Stemmen of niet stemmen – voor veel mensen is het niet eens meer een vraag. Het referendum over het associatieverdrag met Oekraïne is zo doortrokken geraakt van Hollandse lamlendigheid, van het gekwaak van voetlichtzoekers en complotdenkers, dat je geneigd bent er met een boog omheen te lopen. Kom, dat verdrag gaat sowieso door, met of zonder matrozenpetjes. Laten we ons door EU-haters en Poetin-dwepers voor het blok zetten? Voor heel wat mensen gaat het niet om voor of tegen, maar is dat hele referendum zelf het probleem geworden. Feest van de democratie? Eerder de afterparty van het Avondland.

Want de halve wereld staat in brand, maar wij gaan ganzenborden, schreef Tom-Jan Meeus in NRC. Misschien wel de duurste pubergrap ooit, twitterde Jelle Brandt Corstius. VVD-Kamerlid Ten Broeke: „Bedenkers referendum geven toe: Verdrag UKR […] interesseert ze geen fluit!”

Dat laatste sloeg op het spraakmakende interview in NRC met de mannen van het Burgercomité EU, die eerlijk vertelden waarom ze tot hun initiatief waren gekomen: „Oekraïne kan ons natuurlijk niets schelen”, aldus Arjan van Dixhoorn, voorzitter van het comité. Het hele gedoe is bedoeld om de EU te ondermijnen. Van Dixhoorn: „Een Nexit-referendum is tot nu toe niet mogelijk. Daarom grijpen wij alle mogelijkheden aan om de relatie tussen Nederland en de EU onder spanning te zetten.”

Volgens D66 betekende dit een „ontmaskering”. Kamerlid Kees Verhoeven: „Bizar en schokkend.” Actrice Victoria Koblenko: „Nexit over de rug van 45 miljoen burgers van Oekraïne. Als DAT democratie is…”

Ja, dat IS democratie - in z’n ergste vorm. Alexis de Tocqueville, de Franse politieke denker, waarschuwde er ruim anderhalve eeuw geleden al voor, terwijl hij zelf overtuigd democraat was. Tocqueville was zich als geen ander bewust van de gevaren die de democratie zelf met zich meebrengt.

Een ervan is de geestdodendheid die de democratie eigen is. In een democratie wordt iedereen een vredig, gelijkmatig en welvarend leven beloofd. Dat is mooi, wie wil het niet, maar dat betekent dat er geen of nauwelijks ruimte is voor heftige, verheven, glorieuze gevoelens, zoals nationale trots, heldendom, gedeelde hartstocht, glorie en eergevoel. Waarom zou je sterven voor het vaderland als je daardoor je pensioen misloopt? Mensen, besefte Tocqueville, hebben emoties nodig om zich onderling verbonden te voelen, anders gebeuren er ongelukken. Hijzelf zag de godsdienst als een mooie uitlaatklep, daar moest je als democraat dan ook vooral niet aankomen.

De democratie wordt met dit referendum door alle partijen tekortgedaan

Dat inzicht van Tocqueville over de gevaarlijke saaiheid van de democratie verklaart de bizarre paradoxen rondom de heersende EU-haat: er wordt – soms terecht – geklaagd over het gebrek aan democratie binnen de Europese instellingen, maar het corrupte despotisme van Poetin wordt onophoudelijk vergoelijkt. Niet omdat men er bang voor is, zoals steeds wordt geopperd, maar omdat men het bewondert. Achter veel meligheid gaat een niet te onderschatten verlangen naar daadkrachtig machismo schuil.

De andere paradox, die in het interview met de initiatiefnemers schrijnend aan het licht kwam: veel nee-stemmers willen niet dat Oekraïne lid wordt van de EU, omdat men uitbreidingsmoe is en dat land zowat een failed state. Goed argument. Maar als je eigenlijk de totale ondergang van de EU nastreeft, waarom zou je je dan zorgen maken over de ondermijning ervan?

Kauw daar even op.

Dus ik begrijp de afkeer van het circus, van het pathos (red de democratie!). En dan is er, aan de andere kant, de opzichtige smetvrees van de politiek voor het volk, de Junckeritis van een bestuurlijke elite die denkt de recalcitrante burger met een vaderlijke waarschuwing in het gareel te krijgen. De gevestigde politiek zal de uitslag, als het even kan, naast zich neerleggen – een deel van het verdrag valt, geeft ook het Burgercomité toe, domweg buiten de reikwijdte van het referendum.

Dus de democratie wordt met dit referendum door alle partijen tekortgedaan. Die krachten versterken elkaar. De verleiding is dus groot om mijn stembiljet te verscheuren.

Toch voelt dat als cynisme met cynisme beantwoorden. Recalcitrantie is geen democratie. Zowel GeenPeil als de EU-elite mag van mij een tik krijgen. Maar niet, zoals Koblenko zegt, over de rug van de bewoners van Oekraïne. Met populisme kun je twee kanten op: naar vernieuwing – of naar vernietiging. Ik kies voor het eerste. Daarom ga ik 6 april toch stemmen. En ik stem ja.