Een mooi dak voor gewone Fransen

Het Forum des Halles in Parijs is van bedompt koopgat ineens een bezienswaardigheid geworden.

De ‘buik van Parijs’ noemde Émile Zola Les Halles, de markthallen waar Parijse restaurants tot eind jaren zestig hun vlees, groente en vis betrokken. Fotografen als Brassaï en Robert Doisneau legden de immense voedselmarkt met al zijn excentrieke bewoners – de slagers en de groenteboeren, de hoeren en de clochards – in beroemd geworden zwart-witfoto’s vast. Hier lag het culinaire hart van de Franse hoofdstad, totdat de handel definitief naar het zielloze Rungis in de zuidelijke banlieue verplaatste. Er kwam een betonnen winkelcentrum voor in de plaats, het Forum des Halles, dat met zijn jarenzeventigvormgeving een puist werd op het verder zo statige eerste arrondissement.

Nu heeft de buik van Parijs een dak gekregen. Herstel: een „canopée”, zegt directeur Alexis Veron van het Forum des Halles. Hij leidde de afgelopen jaren de meest ingrijpende verbouwing van dit deel van Parijs sinds het winkelcentrum in 1979 werd opgeleverd. Ingesloten tussen het Louvre, het Centre Pompidou en de Église Saint-Eustache aan de nieuwe ‘Jardin Nelson Mandela’ verrees een imposante, golvende, glazen luifel die van een afstand nog het meest weg heeft van de transparante overkapping zoals je die bij sommige voetbalstadions ziet.

Met vijfendertig nieuwe winkels, restaurants en culturele centra op totaal 75.000 vierkante meter is het grootste centre commercial van Parijs vanaf 5 april in nieuwe gedaante weer geheel voor het publiek geopend. Het centrum verwacht jaarlijks zo’n 40 miljoen bezoekers. De verbouwing, die na vele budgetoverschrijdingen meer dan een miljard euro kostte, is goeddeels betaald door de gemeente Parijs en de eigenaar: de Franse multinational Unibail Rodamco.

Een canopée, legt Veron uit, is het bladerdek van een oerbos, daar waar hoog in de bomen de apen en vogels zich verplaatsen. „Het beschermt tegen regen en filtert het zonlicht, net als hier”, zegt hij op het plein bovenaan een grote trap die naar de ondergrondse winkels leidt.

Hier, op straatniveau, ligt het grootste deel van de nieuwe bedrijven: ‘flagship stores’ van Nike en Lego („met grote Parijse gebouwen als het Pantheon en de Arc de Triomphe in legosteentjes”), een ‘concept store’ van Sephora en onder andere de eerste fysieke zaak van de in Franse modeontwerpen gespecialiseerde internetwinkel L’Exception. De gemeente Parijs zorgt voor een nieuwe bibliotheek, er komt een gemeentelijk centrum voor hiphop en sterrenkok Alain Ducasse opent hier een groot restaurant met terras.

Alles is lichter

Door het ontwerp van de Parijse architect Patrick Berger is het altijd enigszins bedompte koopgat in hartje Parijs boven het drukste metrostation van Europa (Châtelet-Les Halles) nu opeens een bezienswaardigheid geworden. Het winkelcentrum heeft door ruime ingangen en een blik naar buiten weer een connectie met de buurt gekregen. „We waren niet erg verbonden met de Parijzenaars en met de wijken hier omheen”, erkent Veron. Het winkelen speelde zich vooral onder de grond af, in lage gangen. „Nu is het allemaal lichter. Als de zon schijnt, merk je dat ook bij winkels die dieper liggen.”

Met een bouwhelm op zijn hoofd baant Veron zich een weg langs het winkelend publiek. Hij wijst onder de grond op een hoekje waar het Forum nog in oude staat verkeert. Lange mensen kunnen daar het plafond zo aanraken. „Het was veel te laag, wat mensen het gevoel gaf dat ze in een kelder aan het winkelen waren”, lacht Veron. De plafonds in de winkels en in de nu met LED helverlichte gangen zijn bijna anderhalve meter verhoogd.

De nieuwe openheid heeft een keerzijde. Sinds de aanslagen van afgelopen jaar worden tassen en jassen van de bezoekers van alle winkelcentra, dus ook het Forum des Halles, streng gecontroleerd. Met méér ingangen en het grote open terras aan de voorzijde is het moeilijker de veiligheid te garanderen, zo lijkt het. Veron maakt zich geen zorgen: camera’s, bewakers en een intensieve samenwerking met de politie moeten de klanten een veilig gevoel geven, zegt hij.

Maar feit is dat sinds de bouwwerkzaamheden vijf jaar geleden begonnen, de omstandigheden zijn veranderd. Het aantal toeristen dat Parijs bezoekt is sinds afgelopen november met zo’n 15 procent teruggelopen.

„Dan scheelt het dat het overgrote deel van onze klanten uit de Parijse regio afkomstig is”, haast Veron zich te zeggen. Want hoewel Les Halles van weleer al lang verdwenen zijn, is het volkse karakter van de buurt ook in het Forum altijd blijven hangen. „Terwijl de rest van het winkelaanbod in Parijs zich steeds meer op toeristen is gaan richten, met vooral boutiques van luxemerken, blijven wij ons richten op gewone Fransen, bevestigt Veron. „Toeristen zijn welkom hoor, maar daar hoeven we het niet van te hebben.”