Shell mogelijk betrokken bij corruptie in Nigeria

Een Shellwerknemer in Port Harcourt, Nigeria. Foto Bloomberg

Shell en de Italiaanse branchegenoot ENI worden verdacht van corruptie bij het verkrijgen van een oliecontract in Nigeria. Een team FIOD-rechercheurs en het Openbaar Ministerie heeft op 17 februari het hoofdkantoor van Shell in Den Haag bezocht. Het concern bevestigt dat naar aanleiding van een bericht in de Italiaanse krant Corriere della Sera. Een gezamenlijk team van vijftig rechercheurs, uit beide landen, zou op de zaak gezet zijn.

Het onderzoek wordt volgens de Italiaanse krant geleid door de openbaar aanklager in Milaan en het Nederlandse OM. De financiële inlichtingendienst FIOD bevestigt dat er een strafrechtelijk onderzoek loopt naar de rol van Shell bij betalingen rondom olieveld OPL 245, gelegen voor de Nigeriaanse kust. Het veld, dat ruim 9 miljard vaten ruwe olie bevat, is sinds 2011 in handen van lokale takken van Shell en het Italiaanse oliebedrijf Agip, een dochterbedrijf van olie- en gasreus ENI.

Het gaat volgens een woordvoerder van Shell om de dochterbedrijven Nigeria Agip Exploration (NAE) en de Shell Nigeria Exploration and Production Company (SNEPCo).

De twee bedrijven betaalden volgens tijdschrift One World destijds 1,2 miljard dollar (1,06 miljard euro) aan de Nigeriaanse overheid. Die zou het geld hebben doorgesluisd naar Malabu, een bedrijf van de voor corruptie veroordeelde ex-minister voor olie Dan Etete.

Shell wil niet ingaan op de vraag of het bedrijf op de hoogte was van het doorsluizen via de Nigeriaanse overheid naar Malabu. De nieuwe Nigeriaanse president Muhammadu Buhari heeft sinds zijn aanstelling in 2015 ingezet op het aanpakken van corruptie. Hij wil het olieveld terugvorderen. (NRC)