OM alert op uitwijken terroristen naar Nederland

Waterbedeffect Na huiszoekingen in België en Frankrijk bestaat de kans dat verdachten van terreur naar Nederland komen.

Politiemensen doorzochten woensdag een woning aan de Oudedijk in de wijk Kralingen. Foto: Bas Czerwinski/ANP

Het Openbaar Ministerie (OM) bekijkt of Belgische en Franse terreurverdachten naar Nederland komen omdat zij in eigen land worden gezocht. Dat heeft officier van justitie Bart den Hartigh woensdag tegen NRC gezegd tijdens een conferentie over terrorisme.

Den Hartigh, binnen het OM verantwoordelijk voor de terrorisme-aanpak: „In de noodtoestand na de aanslagen op 13 november in Parijs zijn veel huiszoekingen geweest. Ik kan mij voorstellen dat men denkt: ik kan beter ergens anders gaan zitten. Dat onderzoeken we nu.” Een woordvoerder van het OM benadrukt dat er geen concrete onderzoeken lopen naar buitenlandse terreurverdachten die zich naar Nederland verplaatsen.

In Rotterdam vielen antiterreureenheden deze week drie woningen binnen. Hierbij werden drie Algerijnen en de 32-jarige Fransman Anis B. gearresteerd. B. wordt door Frankrijk verdacht van het voorbereiden van een terroristische aanval. Hij zou een kompaan zijn van de onlangs gearresteerde Reda Kriket, die aanslagen in Parijs mede zou hebben beraamd.

Na de politieacties in Rotterdam is het te vroeg om te concluderen dat terroristen in Nederland een veilig onderkomen zoeken, zegt Jelle van Buuren, terrorismeonderzoeker aan de Universiteit Leiden. Wel wijst hij erop dat in het verleden is gebleken dat terroristen zich in andere landen vestigen om te schuilen. „Je ziet dat België en Frankrijk inval na inval doen. Elke inval levert nieuwe telefoonnummers en vingerafdrukken op. Terroristen kunnen hierdoor het idee krijgen dat de politie nu wel heel dichtbij komt, en dat zij zich beter kunnen vestigen in een omgeving die nog niet bekend is.”

Of Nederland een goede schuilhaven is, hangt volgens Van Buuren af van de connecties die de terrorist heeft. „Terroristen maken op precies dezelfde manier gebruik van de maatschappij zoals wij dat doen. Je gaat ergens heen waar je iemand kent, of waar een milieu is waar je gemakkelijk in op kunt gaan. In een diverse stad als Rotterdam zullen zij bijvoorbeeld minder gauw opvallen.”

De in Rotterdam aangehouden Anis B. is dinsdag voorgeleid aan de officier van justitie in Amsterdam. Diverse media meldden hierna dat B. niet zou willen meewerken aan overlevering aan Frankrijk. Dit klopt volgens zijn advocaat Elpiniki Kolokatsi niet. Er is gekozen voor een normale procedure, waarbij de rechtbank binnen zestig dagen beslist of B. wordt uitgeleverd. Dit geeft B. „meer rechtswaarborgen” dan wanneer gekozen was voor een versnelde uitlevering aan Frankrijk, zegt Kolokatsi. Van de drie Algerijnen die zijn opgepakt is er één vrijgelaten. Volgens officier Den Hartigh lijkt het erop dat hij „op de verkeerde plaats, op het verkeerde moment” was.