Krijgt Van der Steur de feiten nog op een rij?

Terreurdebat Miscommunicatie rond het uitzetten van aanslagpleger Ibrahim el-Bakraoui brengt de minister in problemen.

Foto Peter de Krom

Direct na het moeizame Tweede Kamerdebat over de aanslagen in Brussel, kreeg minister Ard van der Steur (Justitie, VVD) dinsdagavond ongemakkelijk nieuws te horen: hij had de Tweede Kamer zojuist verkeerd geïnformeerd. Niet de FBI, maar de inlichtingeneenheid van de New Yorkse politie had Nederland een week voor de aanslagen in Brussel getipt over de aanslagplegers Ibrahim en Khalid el-Bakraoui. Direct volgde overleg op het torentje van premier Rutte.

De Tweede Kamer is ontevreden. „Geklungel”, zei PVV-leider Wilders. „Pijnlijk en verontrustend”, zei D66-leider Pechtold. Ook de coalitie vond de fout ongemakkelijk. Het gaat hier niet eens zozeer om de fout zelf. Die was niet zo groot. De informatie klopte, alleen de bron niet – door miscommunicatie binnen Justitie. Maar het is de zoveelste fout van Van der Steur. Hij denkt niet aan opstappen. „Daar is niemand bij gebaat op dit moment. Maar uiteindelijk is het oordeel altijd aan de Kamer.”

Volgende week gaat het Kamerdebat verder. Hieronder in een interactieve tijdlijn de feiten en de grootste vragen rond de broers El-Bakraoui.