Vijftig jaar dezelfde belasting? Beekse Bergen kan het krijgen

Belastingen In ruil voor investeringen wil gemeente Hilvarenbeek safaripark Beekse Bergen opmerkelijke fiscale zekerheden bieden.

Dieren in Beekse Bergen, 2013. Komende jaren wil exploitant Libéma het safaripark uitbreiden en er 60 miljoen in investeren. FOTO ROBIN VAN LONKHUIJSEN / ANP

De gemeente Hilvarenbeek is van plan voor safaripark Beekse Bergen een vaste belastingafspraak te maken. De nog te sluiten overeenkomst met het park legt voor vijftig jaar een minimum- en een maximumtarief vast voor de toeristen- en vermakelijkheidsbelasting.

Begin februari ging de gemeenteraad van Hilvarenbeek akkoord met het voorstel. In juridische kringen wordt ernstig getwijfeld aan de rechtsgeldigheid van de constructie. De gemeente Hilvarenbeek zou de overeenkomst niet zonder instemming van het safaripark kunnen wijzigen, op indexering van het belastingtarief na.

Volgens de deal zou de exploitant van Beekse Bergen, Libéma, jaarlijks maximaal 650.000 euro aan belastingen betalen. Na uitbreiding van het safaripark zou dat maximaal 1,1 miljoen worden. Libéma exploiteert niet alleen Beekse Bergen maar ook meer dan twintig attractieparken, vakantieparken, beurzen en evenementen,

Waarom de gemeente heeft ingestemd? Libéma heeft beloofd de komende jaren 60 miljoen in het safaripark te investeren, met name in bungalows. Het concern eiste in ruil fiscale zekerheid. „De gemeente wil die investering heel graag”, zegt Wil Vennix, oud-raadslid van Hilvarenbeek en belastingadviseur. „Want dat betekent werkgelegenheid”.

Naast het maximumtarief zijn er ook minimumtarieven afgesproken in de overeenkomst. Vóór de uitbreiding betaalt het park minimaal 550.00 euro aan belastingen, daarna 750.000 euro. Beekse Bergen denkt dit jaar 626.000 euro aan de gemeentelijke heffingen kwijt te zijn, aldus Het Financieele Dagblad dat dinsdag over de belastingdeal schreef.

Fiscalisten hebben forse twijfels over de deal. „Tariefafspraken met maxima en minima kunnen absoluut niet”, zegt Paulus Merks van advocatenkantoor DLA Piper. Fiscaal advocaat Paul Sleurink van kantoor De Brauw: „Je vraagt je af waar de gemeente mee bezig is. Als er niet expliciet een minimum en maximum in de regelgeving staan moet het belastingtarief universeel zijn. Ik kan me voorstellen dat de Europese Commissie bij een onderzoek zou concluderen dat het ongeoorloofde staatssteun is.”

Ook verbazen Sleurink en Merks zich over de duur van het contract. Merks:

„Ik heb nog nooit afspraken gezien die gelden voor vijftig jaar.”

Sleurink: „Heel extreem. Als afspraken met de belasting worden gemaakt zijn ze voor vijf of tien jaar. Tien jaar is dan al echt lang.”

Los van de rechtsgeldigheid is de overeenkomst ook een principekwestie, vindt oud-raadslid Vennix. „Het vaststellen van belastingtarieven is een kerntaak van de overheid, dat moet je niet uit handen geven. Helemaal niet voor vijftig jaar. Nu hoeft één belastingplichtige zich niet te houden aan de belastingregels.”

Beekse Bergen was het eerste safaripark van Nederland:

Burgemeester Ryan Palmen van Hilvarenbeek zegt dat behalve de werkgelegenheid het veiligstellen van de belastingopbrengst een reden voor de overeenkomst is. Libéma vond dat het te zwaar belast werd door de gemeente en dat het twee keer belast werd voor dezelfde activiteit: met toeristen- én vermakelijkheidsbelasting. Palmen: „Ze wilden de belastingverordeningen aanvechten.”

Om het bedrijf tegemoet te komen kwam een compromis tot stand. Palmen erkent dat de kans dat Libéma bij de rechter gelijk had gekregen niet erg groot is, maar dat hij heeft gekozen voor zekerheid. „De rechtszaak zou risico betekenen voor de gemeente. Het is mijn taak als burgemeester dat op te lossen.”

Palmen weet dat er fiscalisten zijn die er anders over denken, maar hij beroept zich op rapporten van juridisch adviesbureau Anteagroup en KPMG, die in opdracht van de gemeente en Libéma zijn opgesteld. Beide kantoren geven de overeenkomst groen licht. „Mensen die het voor ons onderzocht hebben zeggen dat het kan, en er zijn ook mensen die er anders over denken. Een verschil van inzicht”, zegt Palmen. Hij vindt niet dat de overeenkomst de regelgeving voor belastingtarieven overtreedt. De toeristenbelasting wordt geheven op basis van de gemeentelijke verordening en de daarin vastgelegde tarieven. „Daar verandert het minimum- en het maximumtarief in de overeenkomst niets aan.”

Ook van staatssteun wil hij niet spreken. Iedereen heeft gelijke kansen, zegt hij. „Als zich morgen iemand bij ons meldt die dit ook wil, gaan we kijken of een overeenkomst gesloten kan worden.”

Voor de termijn van vijftig jaar is in samenspraak gekozen, zegt hij. „Een forse termijn, maar betekent dat dat het niet kan? Wij wilden het liever korter, zij liever langer. Dit was de uitkomst.”

Getekend is de overeenkomst nog niet, eigenaar Dirk Lips van Libéma zou volgens het FD zijn gaan twijfelen toen de gemeenteraad een deel van de overeenkomst, over indexering van het belastingtarief, wijzigde. Een woordvoerder van Libéma wilde dinsdag geen commentaar geven.