De Engelsen zijn ondanks nederlaag klaar voor EK

Oranje op Wembley Nederland leek vooraf een speelbal voor Engeland. De oefenwedstrijd verliep anders. Oranje speelde verrassend goed: 1-2.

Vincent Janssen schiet onberispelijk raak uit een strafschop en brengt Nederland op gelijke hoogte met Engeland. Andrew Gouldridge/Reuters

Liefst 90.000 mensen begaven zich in de stromende regen naar het grootste stadion van het Verenigd Koninkrijk.

Vanuit de metro over de Olympische Weg, de brede straat die Londen na de Tweede Wereldoorlog had laten aanleggen door krijgsgevangenen uit het Duitse leger. De Britten werden zich daarvan pas bewust toen Wembley al was omgebouwd tot wat het nu is: een gigantisch stadion dat volledig volstroomde voor een interland waarin het Nederlands elftal diende als sparringpartner voor een land dat wél naar het EK gaat.

De Engelsen zijn optimistisch

De rollen waren omgedraaid. Na grauwe jaren in de marge van de Europese middenmoot golden de Engelsen als favoriet en was Oranje oefenmateriaal met oog op het EK. Er heerst zoveel optimisme dat er momenteel zelfs wordt gediscussieerd over de vraag of ’s lands topscorer Wayne Rooney (30) wel voor het EK moet worden geselecteerd.

Nu hebben de Engelsen immers Jamie Vardy, de ranke topschutter van koploper Leicester City die op de toppen van zijn snelheid veel weg heeft van een hazewindhond op drift. Pezig bovendien. Zaterdag tegen Duitsland scoorde hij al via een knappe hakbal, tegen Nederland was het een eenvoudige intikker waarmee hij de Engelsen op voorsprong bracht. Oranje voetbalde gezapig mee en maakte wonderwel gelijk vanuit een strafschop. Spits Vincent Janssen pakte de bal resoluut op en schoot onberispelijk binnen. Narsingh bracht, op aangeven van Janssen, Nederland op 2-1.

De hoogtepunten van het duel:

Bij de opponent is optimisme en bravoure geen vanzelfsprekendheid. Komende zomer is het twintig jaar geleden dat Engeland de halve finale van een groot toernooi bereikte. Voor het laatst gebeurde dat op het EK 1996, toen Paul Gascoigne nog een uitgekookte middenvelder was en niet de alcoholist die afgelopen week met zijn gehavende gezicht in de Britse tabloidpers verscheen. Een slippertje in een dronken bui. Als vanouds.

Kane drinkt geen druppel

Geruststellende gedachte voor de Engelsen: Harry Kane drinkt geen druppel. De topscorer van Tottenham Hotspur is met Vardy een van de spelers die het nieuwe elan symboliseert. Zag Kane zaterdag, toen hij onbewust een eerbetoon bracht aan Nederlands grootste voetballer ooit met een beweging die we kennen als de Cruijff-turn. Hij fopte er twee Duitsers mee, en scoorde.

Van ander allure was het eerbetoon op Wembley, dat heel de veertiende minuut voor Johan Cruijff applaudisseerde en overdag al was versierd met een grote foto van Cruijff. De Spaanse scheidsrechter Antonio Mateu legde het duel niet stil, al klapte hij zelf mee toen de bal enkele seconden uit het spel was. Eerder was er een minuut stilte voor de slachtoffers van de terreur in Brussel. „In het voetbal moeten we samen sterk zijn”, zei de omroeper.

Beelden uit het Wembley-stadion in Londen, dinsdagavond:

Geen goede toernooivoetballers

Hoewel de Engelse bond trots alvast Panini-plaatjes van EK-deelnemers uitdeelde, gaat niet iedereen mee in de opgeklopte sfeer richting het EK. „Wij zijn geen goede toernooivoetballers”, zegt Henry Winter, chef voetbal van The Times. „Jullie, en bijvoorbeeld ook de Duitsers, zijn veel intelligenter.”

Als voorbeeld wijst Winter naar de keeperswissel die voormalig bondscoach Louis van Gaal toepaste in de penaltyserie tegen Costa Rica op het WK 2014. Hij bracht Tim Krul in voor Jasper Cillessen. „Als onze bondscoach dat doet, dan moet de eerste doelman per ambulancevlucht terug naar Engeland. Zo’n klap kan hij niet aan. Engelsen zijn mentaal niet sterk. Er is ook altijd het probleem van verveling. De spelers mogen ook nooit het hotel uit. De bond maakt die fout elke keer.”

Minder last van druk

Volgens Winter is het een voordeel dat een aantal potentiële topspelers nog geen toernooi-ervaring heeft. Zij hebben op voorhand minder last van de druk die er zal ontstaan. Het geldt onder anderen voor Vardy, die zich ondanks zijn rijzende sterrenstatus nergens druk om lijkt te maken.

Zoals veel voetballers bezit hij de gave om zijn gewijzigde status met een totaal andere blik te beschouwen dan zijn bewonderaars. Zij laven zich bijna kinderlijk opgewonden aan het sprookje van de fabrieksarbeider, die vijf jaar geleden nog voetbalde met een enkelband en dit seizoen negentien keer scoorde in de prestigieuze Premier League, maar Vardy gelooft het wel. Scoren is zijn werk, zegt hij, en daarna keert hij huiswaarts om te zorgen voor zijn vrouw, kinderen en honden. Daarnaast speelt hij vaak een oorlogsspel op zijn Playstation.

Henry Winter van The Times: „Aanvallend zit het bij ons wel goed. Maar met onze defensie vraag ik me af of al dat optimisme wel gerechtvaardigd is. We winnen geen kopduels. Terwijl dat juist altijd onze kracht is geweest.”