Gevaarlijke tijden, en lang niet alleen om de terreur

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt elke week de feiten van de hypes.

Precies op het moment waarop een zelfmoordterrorist zich in het metrostation Maalbeek opblies, kwam ik in Brussel aan. Voor een bijeenkomst over het ‘fenomeen van jihadistische radicalisering’ nota bene. Nog niks te merken op het centraal station, toch alweer meer dan een uur na de dubbele zelfmoordaanslag op Zaventem – in een duidelijk geval van verdronken-kalfitis waren leger en politie de volgende dag wél aanwezig.

Maar de bijeenkomst van het European Policy Centre ging door, zij het dat de Europese coördinator voor terrorismebestrijding, Gilles de Kerchove, zich had geëxcuseerd. Er waren drie sprekers van relevante onderzoeksinstituten, Rashad Ali uit Londen, Alexander Ritzmann uit Potsdam en Bakary Sambe uit Senegal, en er werden veel zinnige woorden gesproken. Ik haal er voor u twee boodschappen uit. Belangrijk genoeg wat mij betreft om nog eens op te schrijven, ook al wordt u sinds de aanslagen ondergedompeld in een zwembad van informatie en twistgesprekken over terrorisme, de oorzaken en de medicijn.

1) Terrorisme is een tactiek, er wordt niet gedood om te doden maar om een reactie uit te lokken. De Islamitische Staat heeft de wereldgemeenschap verdeeld in aanhangers en tegenstanders, met een grote grijze massa verwarde moslims daartussenin. Het doel is die tegenstanders tot dusdanig harde maatregelen te bewegen dat die verwarde moslims radicaliseren, zodat de IS hen kan oogsten. Ze haten ons niet, wil ik maar zeggen, ze manipuleren ons.

2) Er moeten natuurlijk een heleboel maatregelen worden genomen, als betere coördinatie tussen de veiligheidsdiensten (er werden gruwelijke voorbeelden van langs elkaar heen werken gegeven). Maar: tast onder géén omstandigheid de burgerlijke vrijheden en de rechtsstaat aan. Zie ook punt 1.

Omdat politieke leiders achterbannen hebben die schreeuwen om hardere straffen, dichte grenzen en minder moslims, zie je dat proces van ondermijning van de burgerlijke vrijheden zich juist voltrekken. Ik noem de zich aftekenende meerderheid in de Tweede Kamer voor het preventief opsluiten van teruggekeerde jihadstrijders. In strijd met mensenrechtenverdragen, maar ja, hè, uitzonderlijke tijden.

Israël is een goed voorbeeld waar dit toe kan leiden. Netanyahu kan worden weggestemd, en de krant Haaretz mag een dissident geluid laten horen. Maar linkse activisten gelden als verraders en er zijn de laatste maanden bewijzen te over van standrechtelijke executies van (vermeende) Palestijnse aanvallers, soms kinderen. Met warme instemming van de meerderheid.

Op een persconferentie na ‘Brussel’ stelde Netanyahu dat Palestijnse messenterrorisme gelijk aan dat van de IS en bood hij zijn tegenmaatregelen ter overname aan: arrestaties, platbulldozeren van woningen, ontzeggen van werkvergunningen, sluiting van opruiende radiostations, sluiting van grenzen. En standrechtelijke executies dus. Hij zei dat buitenlandse regeringen naar Israël komen om te leren, en „ik kan u vertellen dat dat aantal met de dag groeit”.

Dit zijn gevaarlijke tijden, en lang niet alleen wegens de terreur.