Soms is stop op nieuws beter

In situaties als bij de aanslagen in Brussel is een volledige stop op nieuws soms noodzakelijk, schrijft majoor Niels Roelen.

Helikopter-actie in Uruzgan.

Een week geleden zette ik de televisie op ons werk aan. Op het NOS Journaal zag ik foto’s en filmpjes van een aanslag op de Belgische luchthaven. Gemaakt met mobiele telefoons en gepost op Twitter, Facebook en andere social media, ging het nieuws sneller dan zijn schaduw. Zonder tussenkomst van journalisten waren Zaventem en Maalbeek binnen enkele minuten trending.

Een black hole, zwart gat, is op missies zoals Afghanistan een vloek en een zegen tegelijk. Het moment dat je op een basis als Kamp Holland geen enkele mogelijkheid meer hebt om te communiceren met de buitenwereld, geeft aan dat er iets ernstigs is gebeurd. Een collega is overleden of ernstig gewond geraakt. Om op dat moment te voorkomen dat ouders of partners via de verkeerde weg overvallen worden door het nieuws, was en is afkondiging van een black hole nog steeds een goede reden om ‘censuur’ te plegen. Het is een maatregel die niet alleen integriteit bevordert, maar leiders ook de mogelijkheid verschaft om overzicht te creëren.

De vloek van het black hole doet je hart sneller kloppen. Wat is er aan de hand? Wie is of zijn er getroffen? Wat moet en gaat er nu gebeuren? Vaak liep ik destijds even naar buiten, om te zien of er Blackhawk-helikopters (die gewonden vervoeren) opstegen of de pantserhouwitser in stelling kwam om een gevecht te ondersteunen. Het zwarte gat stelde je geduld op de proef. En om heel eerlijk te zijn niet alleen om professionele of ethische redenen, maar soms ook uit egoïsme als je na vele dagen op patrouille eindelijk even met thuis kon bellen maar de lijn dood was.

Ondanks het gebrek aan overzicht en feiten, gaf het tv-journaal vorige week toe aan elke publieke schreeuw om meer informatie. Ze vervullen een behoefte. Met elke nieuwe dode die gemeld werd, zwollen het ongeloof, de verontwaardiging en de emotie aan. „Dit oeverloze gekwetter op Twitter voegt niets, maar dan ook werkelijk niets toe,” zei ik tegen een collega, „ze zouden er verstandig aan doen het netwerk plat te leggen met een d-dos aanval.”

„Straks volgen de politici die gekwetst en geschokt hun medeleven zullen uiten over deze laffe daden en vanavond kunnen we dan weer kijken naar Beatrice de Graaf”, antwoordde hij. Beatrice die ons een week eerder nog gerust probeerde te stellen met de woorden dat elke terroristische golf ook vanzelf weer over gaat.

Naïef om een boksring in te stappen en te verwachten dat je zelf geen klappen krijgt

Ik denk terug aan de momenten dat wij op missie kameraden verloren. Aan het afscheid van Tim Hoogland, waarna we direct op patrouille moesten vertrekken. Het nieuwe normaal waar op de radio over wordt gesproken was daar niet anders dan normaal. Kort spraken we over onze emoties om vervolgens, in tegenstelling tot in Europa, vooral rustig te blijven en rationeel te handelen. Een absolute noodzaak om buiten de poorten van Kamp Holland professioneel ons werk te blijven doen. Geen paniek of overtrokken reacties, omdat wij ons bewust waren van het feit dat niet iedere moslim met een tulband een Talibanstrijder was.

Waarom leggen de experts dit soort zaken niet uit; vertellen ze niet hoe het echt zit? Dat het niet zo heel verbazingwekkend is en het dus geen verrassing kan zijn dat een groep mensen die zich bedreigd voelt en die door de coalitie dagelijks gebombardeerd wordt ook een keer zal terugslaan. Dat het naïef is om een boksring in te stappen en te verwachten dat je zelf geen klappen krijgt. Dat betekent natuurlijk niet dat we de strijd moeten staken, maar we moeten wel realistisch zijn.

In dat realisme deelt de regering mee dat de terreurdreiging in Nederland opgeschaald wordt naar substantieel, het op een na hoogste niveau. Interessant omdat die dreiging in mijn ogen voort moet komen uit concrete aanwijzingen van ophanden zijnde activiteiten en niet op gebeurtenissen dicht in de buurt of het gevoel van de burger. Interessanter is nog wat je ermee kunt. De dreiging van suiciders en bermbommen zat in Uruzgan 365 dagen per jaar op het hoogste niveau.

„Wat een bullshit”, merkte een van onze soldaten hierover destijds terecht op, „als het iedere dag extreem is, wordt dat vanzelf gewoon. Die bermbommen zijn net de Postcodeloterij: iedereen doet mee en je weet toch nooit waar de kanjer valt.”

Het nieuwe normaal maakt ondertussen ook de politiek bewust van de gevolgen van social media. In het belang van het onderzoek vragen ze de bevolking om de uitingen over dit onderwerp zoveel mogelijk te beperken. Beleefd verzoeken ze ons eigenlijk om mee te werken aan een black hole, al is het maar omdat op dit soort dagen vrijheid van meningsuiting vloek en zegen tegelijk is.