Hoe hondje Pickles precies 50 jaar geleden de gestolen wereldbeker terugvond

9 april 1966: Pickles krijgt bezoek van fotografen die hem, hoe toepasselijk, met een voetbal op de foto willen hebben. Foto Hollandse Hoogte / DB /Corbis

Ken je dat verhaal van die hond die de gestolen cup van het WK voetbal vindt? Echt gebeurd, en zondag precies vijftig jaar geleden. Over hondje Pickles en zijn tragische lot.

Dat hij zichzelf uiteindelijk zou verstikken met z’n eigen halsband, in de tuin van het huis dat hij zijn baasje zo heldhaftig had bezorgd, is best sneu. Pickles: de bastaard die de massief gouden wereldbeker vond in een Londense straat.

We schrijven 20 maart 1966. Over drie maanden begint het wereldkampioenschap voetbal in Engeland dat ook gewonnen zal worden door de gastheer, middels die beruchte goal van Geoff Hurst. De wereldbeker, genaamd Coupe Jules Rimet, wordt tentoongesteld in Londen. Niks aan de hand.

Dat verandert wanneer de bewakers van de cup op z’n zondags dienstdoen. De een gaat een plasje doen, de ander koffie halen en nog eentje blijkt een vrije dag genomen te hebben. Uren na de diefstal wordt pas opgemerkt dat de trofee, vernoemd naar de man die het WK voetbal in 1929 introduceerde, weg is.

Wanneer Pickles een week later diezelfde wereldbeker op straat terugvindt, of althans het grootste deel ervan, is er een hoop gebeurd. De politie maakt er een potje van bij een losgeldoverdracht op vrijdag: de dief merkt het politieteam op en vlucht. Edward Betchley - 46 jaar en oorlogsveteraan - komt niet ver en wordt gepakt, maar heeft slechts een stukje ‘Jules Rimet’ bij zich.

‘Quite heavy’

De rest van de cup is inmiddels vijf dagen spoorloos en de politie zit met een pijnlijk gebrek aan aanwijzingen. Betchley levert weinig op: hij is slechts een tussenpersoon en heeft geen idee waar die beker is. Die theorie geloven óf hem ontzenuwen? Dat is tot op de dag van vandaag evenredig lastig gebleken. Later blijkt dat één iemand meer weet, maar niet wil zeggen wat. Bovendien heeft Pickles dan allang de Jules Rimet gevonden.

Dat gebeurt wanneer Dave Corbett zijn bastaard uitlaat en een telefoontje gaat plegen in een telefooncel. Het is zondag 27 maart 1966, precies een week na de diefstal die de parlementsverkiezingen in Engeland van de voorpagina’s zou drukken. Pickles vindt op straat, naast een van de banden van de auto van de buren, een pakketje. In kranten gewikkeld. En het was “quite heavy”, herinnert Corbett zich:

Pickles wordt geëerd en gelauwerd. Hij is wereldnieuws. Corbett ontvangt vindgeld en koopt een nieuw huis. Nou ja, wel pas nadat hij als hoofdverdachte is onderworpen aan een kruisverhoor.

Wanneer hij die zondag, nog op z’n slippers, de vondst naar een bureau in South-London brengt, wordt hij uiteindelijk tot half drie ‘s nachts bevraagd. Maar niet voordat hij in eerste instantie laconiek wordt ontvangen door een onbewogen balieagent als hij met Pickles en de Jules Rimet binnenloopt:

“Doesn’t look very world-cuppy to me.”

Dat is geen wereldbeker. Corbett moet eerst maar eens gaan zitten. Hij krijgt een shot whiskey voorgeschoteld om uiteindelijk toch even hoofdverdachte te worden.

The Spy

In de tuin van het huis dat Dave Corbett kan kopen dankzij Pickles’ vondst, vindt het hondje uiteindelijk de verstikkingsdood. Enthousiast een kat achtervolgend raakt zijn riem verstrikt tussen takken en ontneemt hij zichzelf de benodigde lucht. Het is dan 1967 en Pickles heeft maar een jaar van zijn roem kunnen genieten. Hoogtepunt? Een rol in de 007-persiflage The Spy With a Cold Nose.

En die ene persoon die meer wist van de schurk Edward Betchley? Zijn dochter Marie wilde bij de veertigste verjaardag van de diefstal niets kwijt tegenover The Observer over haar vaders praktijken. Echtgenoot John Stringer wel. In The Guardian zei hij:

“I’ve been offered a few hundred pounds from some newspapers. It’ll take a lot more for me to open my mouth. And let me tell you, there is a twist that has yet to be revealed.”