Zoon die de schaduw van pa zelf opzocht

Zanger Frank Sinatra jr. (1944-2016) had geen warme band met zijn legendarische vader. Toch was hij zijn leven lang in de ban van diens muziek.

Frank Sinatra jr. kreeg als orkestleider van zijn vader (links) vaak de volle laag. Foto uit 100 Sinatra door Charles Pignone, Thames & Hudson, 288 pagina’s, $60

Om uit de schaduw van je vader te stappen als de enige zoon van Frank Sinatra is al niet zo’n eenvoudige opgave. Om dan ook nog eens te kiezen voor een carrière als zanger, is haast vragen om moeilijkheden. Frank Sinatra junior overleed vorige week op 72-jarige leeftijd aan een hartstilstand in Daytona Beach, Florida, terwijl hij op tournee was met het repertoire van zijn vader (‘Sinatra sings Sinatra’). Hij wist dat het publiek hem vooral wilde horen vanwege zijn beroemde vader. „Als dat niet zo was, zou ik geen aandacht krijgen. Mijn enige bevrediging is dat ik het goed doe.”

Hij had geen briljante, maar wel een verdienstelijke stem en hij verstond zijn vak. Zijn leven lang maakte hij studie van de muziek van zijn vader en diens tijdgenoten. Begin jaren zeventig nam hij de albums Spice (1971) en His Way! (1972) op met de briljante arrangeur Nelson Riddle, afkomstig uit de stal van zijn vader. De albums waren weliswaar geen hits, maar kunnen op respect rekenen bij kenners.

Frank jr. was het middelste kind uit Sinatra’s eerste huwelijk. Zusters Nancy en Tina zijn respectievelijk vier jaar ouder en vier jaar jonger. Toen ‘Frankie’ vijf jaar oud was verliet zijn vader het gezin voor zijn roemruchte folie à deux met Ava Gardner. „Mijn broer begreep precies genoeg om zich het verlies aan te trekken”, schrijft Tina Sinatra in haar openhartige memoires My Father’s Daughter. „Hij voelde zich verward en verlaten, heimelijk getraumatiseerd. Ik denk dat zijn wereld uit elkaar viel.” In de tientallen interviews die Frank junior zelf over zijn vader gaf, liet hij zelden iets van zijn persoonlijke leven zien. Hij sprak ook altijd over ‘Frank Sinatra’ en nooit over ‘Pa’ of ‘Vader’.

De zoon volgde zijn vader als kind net als de rest van de wereld voornamelijk via platen, films en televisieshows – hele dialogen uit de films van zijn vader kende hij uit zijn hoofd. Als puber kwam hij door lichte vergrijpen zoals vandalisme in aanraking met de politie. Moeder Nancy Barbato gaf hem daarna de keuze: bij zijn vader intrekken (geen erg realistisch scenario) of naar een kostschool. Junior koos voor een kostschool in de buurt van de woestijnstad Palm Springs, waar zijn vader was neergestreken. Maar ook daar zag hij hem niet veel: „Door de kostschool raakte ik mijn plaats in de binnenste cirkel kwijt, en die heb ik eigenlijk nooit teruggekregen.”

Hij debuteerde als zanger in 1963 – hij was toen 19 – met het Tommy Dorsey Orchestra, nota bene de band waarmee zijn vader twintig jaar eerder zijn eerste grote successen had gevierd. Tina Sinatra, in haar boek: „Hij zou het nooit toegeven, maar ik denk dat zingen een manier voor Frankie was om dichter bij pa te komen, om zijn goedkeuring te verkrijgen. Diep van binnen was hij nog steeds die kleine jongen die voor de haard uit alle macht zijn grote idool nadeed.”

De prille zangcarrière van junior kreeg een knauw toen hij eind 1963 werd ontvoerd. Onder dreiging van een pistool was hij meegenomen door de verwarde, aan drank en pillen verslaafde jongeman Barry Keenan en twee kornuiten. Keenan, allesbehalve een beroepscrimineel, had zich in zijn wanen voorgesteld dat er eigenlijk geen sprake was van een serieuze misdaad, mits hij geen geweld zou gebruiken, en hij het geld dat hij van de Sinatra’s eiste binnen vijf jaar zou terugbetalen. Vandaar dat Keenan slechts 240.000 dollar vroeg aan de familie en geen cent meer. Tijdens de onderhandelingen met de kidnappers begreep vader Sinatra er niets van. Hij had op een aanzienlijk hoger bedrag gerekend. „I’ll give you an even million, nice and clean and easy”, hield hij de kidnappers voor.

Nadat het losgeld was betaald dook junior na twee dagen ongeschonden op. Kort daarop werden de daders opgepakt. De beproeving bracht vader en zoon nader tot elkaar, maar slechts tijdelijk. Tina Sinatra in haar boek: „Toen het trauma voorbij was, werd de connectie weer verbroken.” Bij de rechtszaak suggereerden advocaten van de kidnappers dat de hele zaak eigenlijk een publiciteitsstunt was geweest van de familie Sinatra. De beschuldiging raakte kant noch wal, maar bleef junior lang aankleven.

Aanvankelijk zong Frank junior vooral andere songs dan zijn vader. Bij een concert veroorloofde hij zich ooit de bittere grap: „Ik ga nu vijf minuten besteden aan de muziek van Frank Sinatra, want dat is precies even lang als de tijd die hij ooit aan mij heeft besteed.” Pas in latere jaren kwamen ze iets nader tot elkaar. In 1988 kreeg junior onverwachts een telefoontje van zijn vader, of hij diens dirigent en orkestleider wilde worden. Gemakkelijk was dat niet. Sinatra was in verval, en leefde zijn frustraties uit op zijn zoon met soms vernietigende schimpscheuten. Junior: „Ik was een werknemer en kon worden vervangen.” Toch noemde hij de zeven jaar waarin hij dirigent was voor zijn vader „de beste jaren van mijn leven”.