Kicks vervangen duurzaamheid

De aura van onvergankelijkheid, die Mercedessen hadden, verdwijnt, schrijft Bas van Putten. Het merk investeert nu in lichtjes en sensoren.

Mercedes-Renz. De nachtverlichting van de nieuwe E-klasse is een circus, binnen en buiten. In de hanenstrijd om het gewaagdste display kan Mercedes-Benz zich nu met Tesla meten. Het dashboard is een kleurrijk digitaal aquarium van twee nevengeschikte beeldschermen, breedbeeld in kwadraat. Eén links voor de rij-informatie van snelheid en toerental tot buitentemperatuur, één rechts voor het multimediasysteem. Op het menu een sfeerverlichting in 64 kleuren, 64 meer dan de muisgrijze ontwerper met wie ik mij door de introductieavond sloeg.

Dan de buitenboel. ’s Nachts zie je de lichtbundel van de koplampen, automatisch dimmend voor tegemoetkomend verkeer en voetgangers, met beurtelings doelzoekende en doelontwijkende precisie als een led-accordeon krimpen en rekken. Vloeibaar stroomt het licht in alle zwarte gaten van de duisternis. Het richt een volgspot op verkeersborden maar ontziet voorbijgangers. Intelligent Light.

Ik kan de E-klasse op afstand autonoom laten parkeren. Op de snelweg laat de Drive Pilot hem zonder handen sturen, in niet te scherpe bochten zelfstandig binnen de lijnen koersend, zijn snelheid met behulp van de verkeersbordenherkenning automatisch aanpassend. Voor alle zekerheid moet de chauffeur periodiek het stuur aanklampen om de kunstmatige intelligentie gerust te stellen, maar een Mercedes-ingenieur bezweert me dat de auto zonder die verplichte veiligheidsclausule wel honderd kilometer self-supporting reed. Richting aangeven volstaat om de Mercedes autonoom te laten inhalen, zij het niet voordat alle boordcamera’s, radars en sensoren de omgeving hebben afgetast op botsgevaar.

Hoe vliegt de tijd! Dit merk was zo anders. Als Mercedes-rijders, ik ben van die club, stelden wij voorheen vooral ambachtelijke, analoge eisen. De voornaamste was dat wij met beide handen aan het stuur het absolute zen-gevoel mochten beleven. Een Mercedes was nooit in your face. Vering, demping, besturing en motorgeluid – behalve bij de diesels – verhulden de rotsachtige onneembaarheid van het Germaanse fort met bedrieglijke zachtheid. Men chauffeerde als een generaal in vredestijd, soeverein maar ontspannen.

Hij was er voor onze autonomie, waar de computers met hun poten af hadden te blijven, en die fluwelen dienstbaarheid is in onze kringen blijven hangen. Hij gaf Mercedessen hun aura van onvergankelijkheid dat ze waarmaakten met een bouwkwaliteit van ongeëvenaard niveau. Tot in de vroege jaren negentig was hun duurzaamheid legendarisch. Hij heeft bestaan, de boer die zijn Mercedes-diesel uit zuinigheid 25 jaar trouw bleef en na acht ton geen klacht over de lippen kreeg. De kans dat zijn ex nu nog als taxi in Marokko rondrijdt is aanzienlijk. Maar zie. De moderne E-klasse-rijder, eigentijds ongedurig, ruilt hem na vier jaar in tegen een volgend leasemodel. Hij heeft zijn schermen en zijn autonome speelgoed; de kick heeft het gebod van duurzaamheid verslagen.

Mijn twee Mercedessen zagen het licht tijdens de laatste spelminuten van die gloriedagen. De bekleding van mijn 22 jaar oude S-klasse, kilometerstand 172.000 kilometer, toont alsof de auto een ton minder heeft gelopen. In het interieur hangt dankzij dubbel glas op kruissnelheid een stilte die een Tesla nipt verslaat, maar niet met vlag en wimpel. De zescilinder ruist bedeesd, een kalme binnenzee. De kleine lakbeschadigingen zijn te wijten aan het afnemende parkeervaardigheid van zijn eerste eigenaar, een overleden Dr. Ing. uit München, een Bildungsbürger die nog zelf for better or for worse het vuile werk opknapte. Dat deftige zelfbeschikkingsrecht zie ik mijn semi-zelfrijdende E-klasse brutaal annexeren. Hoe zorgelijk is dat?

Mercedes maakt een commerciële en technologische bloeitijd door. Er glipt weleens een zorgenkind door de mazen – onderstelafstemming en besturing van de GLE Coupé zijn punten van aandacht - maar de S- en C-klasse zijn indrukwekkend, en de nieuwe E-klasse is het wederom. Eindelijk zijn alle diesels stil; de nieuwe viercilinder 220d met 194 pk maakt de zescilinder diesel overbodig. Fabuleuze auto. Maar in welke hoedanigheid? De E-klasse, en de 200-serie die er in de jaren zeventig aan vooraf ging, was de oertaxi van Bonn tot Marrakech. Hij was van de boeren en aannemers, die de diesels aanschaften om tandem-assers mee te trekken. Hij was de relaxboemel van de chique Duitse burgerij, de Golf van de welgestelden. Waar staat dit virtuele ruimteschip in dat verhaal? Wat rest nog van de analoge droom?

Doe als ik. Laat de Drive Pilot uit, kijk door die schermen heen en je hebt weer een Mercedes oude stijl; zacht wiegend, romig sturend. Eeuwige rust, verstopt onder een aankoeklaag van overkomelijke innovaties. Hoe geruststellend dat de toekomst bij dit merk gedigitaliseerd verleden is. Ik verlangzaamde mijn gang en smolt als boter in de vloot. Sweet home.