De gokhal van Europa

Terwijl het in Nederland nog steeds illegaal is, wordt in Europa’s kleinste lidstaat Malta dik verdiend aan onlinegokken. Ook honderden Nederlanders werken er in de onlinegokindustrie.

‘Zitten, klikken, prachtig”, zegt Jan Wienk met fonkelende ogen. De baai van uitgaanshart Paceville ligt om de hoek, palmbomen staan voor de deur. In de rookruimte van het Portamaso Casino op Malta demonstreert Wienk het spel Bells on Fire op een gokkast die bestaat uit een luie stoel met speakers in de hoofdsteun. Op een 27 inch plasmascherm draaien de kersjes, citroenen en watermeloenen voorbij.

Wienk werkt bij het door twee Nederlanders opgerichte Maltese onlinegokbedrijf L&L Europe (36 werknemers) en is verantwoordelijk voor de marketing bij Klaver Casino en Polder Casino: populaire, op de Nederlandse markt gerichte internetcasino’s.

Voordat hij vier jaar geleden in de sector belandde had hij niet veel met gokken, vertelt Wienk. „Maar ik ben er met de jaren flink ingegroeid en vind de spelletjes nu hartstikke leuk.” Dat is ook belangrijk om zijn werk goed te doen, vertelt hij. „Ik speel ook vaak bij de concurrentie om in de gaten te houden wat zij doen.”

Echt en virtueel lopen vaak door elkaar. Bells of Fire kent een onlinevariant om in te spelen op de ervaring die mensen er in het echte casino mee op hebben gedaan.

Achterin het casino spint een vrouwelijke croupier het roulettewiel. Het is een rare gewaarwording. Er staat namelijk geen enkele speler aan tafel, er worden geen fiches neergelegd. Toch draait ze door. Een camera registreert in welke van de 37 vakjes het balletje valt. Het gokken gebeurt op de websites van onder andere Klaver Casino. Live casinospelen via internet zijn populair, zegt Wienk. Niet dat er geen digitale roulettetafels bestaan. „Maar sommige mensen zien liever de dealer zo’n balletje in een roulettewiel draaien.”

Wienk trok in 2012 naar Malta om te werken in de gokindustrie: een route die vele Nederlanders afleggen. Op het eiland wonen zo’n 800 Nederlanders, leert navraag bij de Nederlandse ambassade op Malta. Daar schat men dat ongeveer de helft van hen pensionado’s zijn en de andere helft voor internetgokbedrijven en aanverwante firma’s werkt. Heimwee is niet nodig, er is een Facebook-groep die met regelmaat kroketten- en frikadellenavonden organiseert.

Gokcentrum

Met 316 vierkante kilometer oppervlak is Malta een kwart kleiner dan Texel. Dankzij een uitgekiende strategie groeide Europa’s kleinste lidstaat in tien jaar tijd uit tot hét Europese centrum voor onlinegokken. Malta (420.000 inwoners) had al vroeg door dat er toekomst zat in internetgokken. Terwijl dat in Nederland ondanks honderdduizenden onlinespelers nog steeds niet gelegaliseerd is, reguleerde Malta online gaming – men spreekt er niet van gokken – al in 2000. En vlak voordat Malta in 2004 EU-lid werd voegde het een extra dimensie toe: een licentiesysteem onder toezicht van de Malta Gaming Authority – de lokale versie van de Nederlandse Kansspelautoriteit. Daarmee konden bedrijven vanaf Malta ook internationaal opereren. Vooruitstrevend, zeker voor Maltese begrippen: de legalisering van echtscheidingen vond daar pas in 2012 plaats.

De mogelijkheid om legaal een onlinecasinobedrijf te exploiteren in combinatie met onder meer zon, een aantrekkelijk fiscaal klimaat en de goede beheersing van Engels door de bevolking van Malta moest buitenlandse bedrijven lokken. Ze kwamen massaal.

Eind 2015 waren er 283 onlinegokbedrijven gevestigd op Malta. Online gaming is na toerisme de belangrijkste industrie, goed voor 12 procent van het bruto binnenlands product. In de sector zijn ruim 8.000 mensen werkzaam.

De grootste werkgever met zo’n 1.000 man is het Zweedse Betsson: een aan de beurs van Stockholm genoteerd onlinegokbedrijf met een belangrijk Nederlands onderdeel. In 2013 kocht Betsson Oranje Casino en Kroon Casino, de twee succesvolste op de Nederlandse markt gerichte internetcasino’s met (destijds) 209.000 geregistreerde klanten en een jaaromzet van 33 miljoen euro. Omzet is in gokkringen wat overblijft als de prijzen zijn uitgekeerd.

Oranje en Kroon – opgericht in 2004 en 2008 – veroverden vanuit Malta de Nederlandse markt. Als hun oprichters zich via een kerstboom aan vennootschappen niet zo goed verborgen hielden, stonden ze nu in de Quote500. Betsson legde in 2013 liefst 100 miljoen euro neer voor de twee casino’s: een bedrag dat afhankelijk van de legalisering in Nederland nog met 45 miljoen euro kan oplopen.

Het antwoord of Kroon en Oranjes activiteiten legaal waren en zijn, is afhankelijk van wie je het vraagt. Feit is dat de in 2012 opgerichte Kansspelautoriteit niet achter gokbedrijven aangaat zo lang ze drie ‘prioriteringscriteria’ volgen: geen .nl-domeinnaam, geen website in het Nederlands, geen reclame op radio, tv en op papier. Zaken als betalingen via iDeal of een oer-Hollandse naam mogen wel.

Wienk legt uit dat de winnaars van dat beleid affiliates zijn: degenen achter websites die doorlinken naar gokwebsites. „Reclame maken voor online gokken is in Nederland verboden en dus zijn affiliates de enige manier voor casino’s om op een verantwoorde manier spelers te verkrijgen. Zoek je in Google op ‘roulette spelen’, dan staan wij bovenaan.”

Hij noemt de naam niet, maar even googelen leert dat hij doelt op de website roulettespelen.org. Daar staat een heel uitlegverhaal over roulette en knippert een knop met ‘Speel voor echt geld’ die doorlinkt naar Klaver Casino.

Alle internetgokbedrijven werken met affiliates: van Unibet tot Klaver Casino en Kroon Casino. Ze hebben websites waar hun commissies op staan. Die zijn flink: het is gebruikelijk dat het gamingbedrijf 40 procent van het spelresultaat overmaakt aan de affiliate, zolang de doorgeleide speler klant blijft.

Flat whites

In het hoofdkwartier van Betsson, dat uitkijkt over een jachthaven, vertelt directeur Patrick Jonker van Oranje en Kroon Casino dat hij Betsson „helemaal niet als een gokbedrijf ziet”. „We zijn een entertainmentbedrijf dat spanning brengt.” Voor hij in 2014 met zijn gezin naar Malta verhuisde, werkte hij onder meer bij tv-producenten Talpa en Endemol en De Lotto.

Betsson exploiteert 21 merken in tien landen. Jonker geeft een tour door het gebouw van negen verdiepingen van waaruit dat gebeurt. Langs de koffiebar bij de ingang met flat whites en ice cappuccino’s. Voorbij lounge-achtige vergaderhoekjes met casual geklede, knappe jongeren – een groot deel van het personeel komt uit Scandinavië.

Door naar de afdeling klantenservice van 150 man. „Treat every customer as if they have 10.000 Twitter followers”, staat er op meerdere muren. Langs de betalings- en risicoafdeling, waar je alleen binnenkomt via een vingerafdrukscanner. En de afdeling preventie, waar men kijkt naar verdacht spelgedrag en sommige spelers (2 tot 3 procent heeft een gokprobleem) naar de verslavingszorg doorverwijst.

De sportsbook-afdeling, verantwoordelijk voor de sportweddenschappen, lijkt op een handelsvloer bij een bank. Er werken vrijwel alleen mannen, 120 in totaal. Iedereen heeft drie computerschermen voor zich. Achterin zit Bradley Callus: speler van het Davis Cup-team van Malta en hoofd tennis op de sportweddenschappenafdeling.

Hij is druk met data over een eersterondepartij op een klein Italiaans tennistoernooi. Hugo Grenier (de nummer 626 van de wereld) staat in de derde set 4-3 voor tegen Filippo Baldi (de nummer 592). Ja, daar kan ook op gewed worden.

„Er kan bij ons 24 uur per dag altijd wel op een wedstrijd gewed worden”, zegt Callus. Juist bij dit soort kleine toernooien is het belangrijk om er dicht op te zitten, omdat het risico op matchfixing groter is. Welke quotes bieden de concurrenten? Waarom zet die klant opeens zoveel geld in? Wat weet hij? Moeten we die weddenschap weigeren?”

Quotes op sportweddenschappen afgeven is een combinatie van mensenwerk en computeralgoritmes, vertelt Callus. De hele wedstrijd door kan gewed worden en na ieder punt verspringen de quotes. Vaak volgt een werknemer van Betsson tenniswedstrijden op televisie om te zien of er een blessurebehandeling is en hoe een speler erbij loopt. „Als wij dat niet zien, dan kan een gokker die het wel ziet ervan profiteren.” Als er geen liveverbinding is wordt vaak gebruik gemaakt van scouts op de tribune.

240 miljoen in Nederland

Onlinegokbedrijven zoals Betsson bestaan niet op Nederlandse bodem. Al in 2006 stond het legaliseren van internetgokken op de agenda van de Tweede Kamer, maar tien jaar later is er vanwege politieke verdeeldheid nog steeds geen sprake van. Begin april behandelt de Kamer het wetsvoorstel Kansspelen op afstand, dat er eindelijk voor zou moeten gaan zorgen.

Afgaande op cijfers in de memorie van toelichting zou de Nederlandse markt inmiddels goed moeten zijn voor zo’n 240 miljoen euro. De kans dat Nederland internetgokken nu als een van de laatste Europese landen wél gaat legaliseren, lijkt groot. Een heikel discussiepunt, het belastingtarief, lijkt beslecht. Het wetsvoorstel rept van 20 procent kansspelbelasting voor online aanbieders, maar PvdA en VVD hebben een akkoord gesloten om dat op te krikken naar 29 procent, zodat internetgokbedrijven net zoveel betalen als loterijen en Holland Casino.

Klinkt eerlijk, maar Betsson-topman Ulrik Bengtsson vindt het een oneerlijk en een slecht idee. Oneerlijk omdat loterijen effectief maar 8 tot 10 procent belasting betalen. Dat komt doordat voor hen prijzen onder de 454 euro vrijgesteld zijn van belasting. Hij vindt het een slecht idee omdat het daarmee bedrijven als Betsson, die een vergunning in Nederland willen aanvragen, wel erg moeilijk wordt gemaakt. „Wij concurreren op internet, niet in Nederland. Wij moeten concurreren met casino’s uit Curaçao en Costa Rica die geen vergunning in Nederland aanvragen, die straks geen 29 procent betalen en dus veel hogere prijzen kunnen uitkeren.”

Die link tussen het belastingpercentage en de hoeveelheid spelers die legaal speelt is onomstreden, blijkt uit een woensdag verschenen literatuuronderzoek van Ecorys in opdracht van de industrie. Om 80 procent van de spelers in het legale circuit te krijgen, zoals het kabinet wil, is 20 procent belasting de bovengrens.

In zijn directiekamer met aan de muur een door Arsene Wenger gesigneerd Arsenal-shirt en een schets van Dagobert Duck wijst hij erop dat andere landen waar Betsson vergunningen heeft zoals Italië, Denemarken en het Verenigd Koninkrijk, daar wél rekening mee hebben gehouden, gezien de belastingtarieven van tussen de 15 en 20 procent.

Hij zegt dat zo’n hoog percentage ook slecht is voor de bescherming tegen gokverslaving die Den Haag zo belangrijk vindt. „Spelers beschermen is ook ervoor zorgen dat ze spelen bij partijen zoals wij die wel bescherming tegen verslaving bieden. Hoe hoger de belasting, hoe groter de kans dat ze uitwijken naar internetcasino’s buiten Malta die weinig tot niets doen om gokverslaving te voorkomen en waar je geen controle op hebt. Dat is geen goed scenario.”