Reuze sympathieke zaak met verantwoorde vis

Er is een reuze sympathieke en betaalbare zaak in de stad bijgekomen: viscafé De Gouden Hoek. Ooit zat hier een Chinees, ik kwam er wel eens. Ze hadden er knettergrote loempia’s die door het keukenpersoneel in wit, vetvrij papier door het luikje werden aangegeven. Maar de Chinees liep leeg, de zaak werd opgedoekt en het interieur ging flink op de schop. Niets herinnert meer aan toen, behalve dan die knipoog naar de naam (The Golden Corner). Bij De Gouden Hoek serveren ze vanzelfsprekend vis, maar geen dure, bedreigde of tropische (dus van ver ingevlogen) vissoorten. Eigenlijk zou je die ook helemaal niet meer moeten eten; betaalbare vis uit deze contreien is net zo lekker, en beter voor het milieu. Denk aan poon, schelvis, schol, makreel, skrei (een kabeljauwsoort), griet, wijting, harder. Sommige van die vissen komen als bijvangst in de netten mee en worden voor luttele euro’s of niks van de hand gedaan. Eigenlijk vreemd dat het zo lang heeft geduurd voor een restaurateur er serieus mee aan het werk ging.

De core business van De Gouden Hoek is dus verse vis, het hart van de menukaart is fish & chips; ze hebben drie variaties op dit thema, afhankelijk van de vangst van de dag. Verder biedt de kaart flink wat koude en warme visgerechten in royale tapa-porties – met twee van die gerechten heb je een maaltijd. We hebben zin in een garnalencocktail, maar de Hollandse garnalen zijn nauwelijks verkrijgbaar, dus dat feest gaat niet door. We kiezen voor makreelsalade (9,50), bisque van Oosterschelde strandkrabbetjes (8,50), visterrine (7,50) en fish & chips, poon in z’n geheel gebakken in pankokorst, Japanse paneer, met piccalillymayonaise (9,50). Ze hebben deze dag ook schelvis en skrei met verschillende sausjes op de kaart staan.

De bisque van krabbetjes is enorm lekker, hoog op smaak, met een goeie scheut drank erin om het geheel op te krikken. De makreelsalade is aan de grove kant en dat blijkt sowieso één van de karaktereigenschappen van de zaak. De garnituur van ingelegde groenten prikkelt de zinnen, maar komt wel heel grof op het bord. Grote parten zure biet, hele wortels, grappig met het loof er nog aan, maar ook flinke stukken bloemkool… grote stappen, snel thuis. Diezelfde garnituur zien we terug bij de visterrine, jammer, dat kan beter. Die terrine is trouwens ook grof, dik gesneden en valt op het bord bijna uit elkaar, maar de smaak (zalm, heilbot en Hollandse garnalen) is ongelooflijk goed. Dan de fish & chips. Poon heeft natuurlijk graatjes maar da’s niet erg – de versheid van de vis knalt door de stevige pankolaag heen; wat is dit lekker! De chips, frietjes dus, zijn helaas te hard gebakken en daardoor te bruin, te droog en te hard. De mayonaise is prima, de sausjes zijn hier sowieso huisgemaakt, vol van smaak en toch friszuur. Bij vis drinken we graag Picpoul de Pinet uit het kustgebied van zuidwest Frankrijk, maar deze (Cuvee Amelie, 4,50) is ons te strak. We changeren naar een Elzasser blend (Hugel & Fils, 5,60), een uitstekend advies van het meisje in de bediening.

Er staat maar één dessert op de kaart, geen keuzestress vanavond: hangop met caramel en zeezout (6,50), een beetje zuur, een beetje zoet, een beetje zout en héél lekker.

De goedgehumeurde Gouden Hoek verdient een dikke zoen van de juf, maar die juf is niet de enige die dit adres heeft ontdekt. Op onze zaterdagavond is het propvol en wachten de gasten aan de bar – reserveren is een must. Misschien is de tijd dat je als visliefhebber moest kiezen uit ofwel een deftig, duur visrestaurant, óf de viskraam op de hoek waar het lekkerbekje verpest is door een zoute kruidenmix, eindelijk voorbij. Het zou een mooi wonder zijn.