God van Nederland gemuteerd

De ontkerkelijking van Nederland sinds de jaren zestig van de vorige eeuw zet door. Die trend, zo blijkt uit een recent onderzoek in opdracht van de KRO, is de afgelopen tien jaar nog versneld. Ook gelooft nog maar een fractie van de christenen in de klassieke, persoonlijke God. Maar terwijl de kerken zijn leeggelopen en het aantal atheïsten is toegenomen, zat in deze week voor Pasen de ene helft van Nederland bij de Matthäus Passion en terwijl de andere helft meeliep of via de televisie meeleefde met The Passion. Deze mega reli-show werd voor de zesde keer georganiseerd – dit jaar in Amersfoort – door de EO, in samenwerking met KRO/NCRV. Twee generaties terug waren dit elkaar bestrijdende zuilen die een afspiegeling waren van een, op basis van geloofs- en levensovertuiging, gesegregeerde samenleving.

Dat is verleden tijd: de God van Nederland is gemuteerd. Bijna honderd jaar geleden trad hij nog met zijn „eerbiedwaardige grauwe bakkebaarden” op als de verpersoonlijking van fatsoensnormen in Nescio’s Dichtertje. Nu is hij of zij onder meer Allah, Boeddha in het tuincentrum, en Iets van de ietsisten.

Geen wonder dat de Tweede Kamer dezer dagen de Wet op de zondagsrust wil afschaffen, als relict uit een voorbije tijd waarin rekening werd gehouden met de geloofstradities van medeburgers. Dat intrekken van die wet is overigens symbolisch. De zondagsrust blijft in stand in gemeenten waar die rust op prijs wordt gesteld. Maar symbolen zijn niet onbelangrijk, zelfs al lijken ze soms belachelijk.

Een voorbeeld leverde fractievoorzitter Halbe Zijlstra (VVD) in een interview met NRC. Daarin vaart deze voorman van het Nederlandse liberalisme uit tegen de Hema omdat dit warenhuis in een lentefolder behalve voor paaseieren ook reclame maakte voor „verstopeitjes” en de klanten een „vrolijk voorjaar” wenste. In het voetspoor van oprispingen uit de ontkerkelijkte Hollandse onderbuik op de sociale media ziet Zijlstra hierin een capitulatie voor de islam. En plots staat hij – formeel een kind van de Verlichting – pal voor Pasen als sjibbolet voor de Nederlandse cultuur. En dan niet voor het Pasen van de christenen en hun geloofsartikel van de kruisiging en de wedergeboorte van Christus, de zoon van God. Maar de Paascultuur met de chocoladehazen en gekookte eieren.

De criticus Zijlstra had beter moeten weten. Splijtende intolerantie in de samenleving, vooral waar het gaat om geloof, heeft doorgaans geen politieke aansporing nodig. De uitdaging ligt bij het herinneren aan verdraagzaamheid als kenmerk van de Nederlandse cultuur.