De grootste voetballer van Nederland was van immense betekenis voor velen

Weinigen twijfelen eraan dat met de dood van Johan Cruijff de grootste speler uit de geschiedenis van Nederland is overleden. Geen Nederlander was bij leven wereldwijd zo bekend als die man die in 1947 in Amsterdam werd geboren als zoon van een groenteman en een moeder die schoonmaakte bij Ajax. Een jongen uit Betondorp.

Cruijff heeft het Nederlandse clubvoetbal de meest succesvolle periode ooit bezorgd. De eerste helft van de jaren zeventig van de twintigste eeuw, waarin Ajax driemaal (en Feyenoord eenmaal) de Europa Cup 1 won; de voorloper van de huidige, prestigieuze en bombastische Champions League. Een successenreeks die in de tegenwoordige, door kapitaalkracht bepaalde verhoudingen in het internationale voetbal voor een Nederlandse club ondenkbaar is.

Niet toevallig was het ook in die jaren dat het Nederlands elftal glorieerde. Het deed in 1974 eindelijk weer eens mee aan de eindronde van het WK en oogstte mondiaal bewondering met ‘totaalvoetbal’. Onder leiding van aanvoerder Cruijff. Smet op dat toernooi, lange tijd leidend tot een soort ‘nationaal’ trauma: West-Duitsland versloeg in de finale Oranje met 2-1.

Johan Cruijff was overtuigd van zijn eigen gelijk

Cruijff speelde maar 48 interlands en dat kwam onder meer omdat hij niet opzag tegen een ruzie als hij zijn zin niet kreeg. Zijn zelfbewuste houding, zijn overtuiging van het eigen gelijk en het gegeven dat hij volstrekt niet leed aan autoriteitenvrees leidden tot menig conflict. Waar Cruijff met trompetgeschal werd binnengehaald vertrok hij later meestal in conflictueuze sfeer. Het overkwam hem, meerdere malen, zowel bij Ajax als bij zijn tweede club, FC Barcelona. Als voetballer, als coach en als adviseur. Een andere kant van dezelfde man: de Cruijff Foundation waarmee hij na zijn actieve carrière zijn maatschappelijke betrokkenheid toonde.

Zijn koppigheid had ook positieve gevolgen. Meer dan een vakbond had kunnen uitrichten, zorgde Cruijff ervoor dat het geld dat in de voetbalsport wordt verdiend voor een aanzienlijker deel terechtkwam bij de ‘artiesten’, de spelers. Tenslotte is de immense belangstelling voor deze sport, de grootste ter wereld, primair te danken aan hun optreden.

Cruijffs populariteit in Barcelona had ook maatschappelijke betekenis. Hij verwierf er de bijnaam El Salvador; de successtory van de FC dankzij De Verlosser was een Catalaans antwoord op de Madrileense overheersing die Real jaren tentoonspreidde; de club uit de stad van de vroegere dictator Franco. Of: hoe voetbal politiek kan zijn.