Column

Cruijff

Met de dood van Johan Cruijff vielen ‘de media’ Betondorp binnen. Tientallen journalisten en cameraploegen op zoek naar een originele invalshoek. Zelf was ik ook de straat op gegaan, ik woonde lang genoeg in deze wijk om te weten dat ze allemaal wel wilden vertellen over hun relatie met Johan Cruijff.

Bij buurtsuper Oosterwaal rekende een voormalig kapster van kapsalon Meerzicht – tegenover het oude stadion stond ‘waar iedereen werd geknipt en geschoren’ – een zak kattengrit af. Ze had Johan nog geknipt, ze herinnerde zich slap, wat futloos haar.

In café De Avonden zaten Ed, een oud-klasgenoot – „Ja, Johan wist het ook toen al altijd beter” – en Sjoerd, die met hem in de jeugd van Ajax had gespeeld. „Johan was de beste van allemaal.”

Als bewoner van Betondorp was ik ondertussen zelf ook een potentieel onderwerp geworden. Verslaggever Joost van Wijk van EenVandaag was het meest vasthoudend. Ik had nog geen ‘ja’ of ‘nee’ tegen hem gezegd of hij stond al met een cameraman voor de deur. Hoe leuk was het als hij mij zou achtervolgen terwijl ik met buurtbewoners herinneringen ophaalde over Johan Cruijff.

Ik wandelde met hem naar Café De Avonden, waar barkeeper Michel de vlag al halfstok aan de gevel had gehangen.

Joost van Wijk stelde voor dat ik daar op een barkruk net zou gaan doen of ik zat te typen. Ik wilde hem nog waarschuwen voor het typische gevoel voor humor in deze kroeg, maar het was al te laat.

„Je komt voor Johan?”, informeerde Michel.

De verslaggever en cameraman knikten.

„Nou, die heeft hier heus wel eens een biertje gedronken, maar dat was voor mijn tijd.”

Daarna wees hij zo’n beetje alle andere aanwezigen aan.

„Nou, daar zit Ed, die heeft bij ’m in de klas gezeten. Dat is Sjoerd, die heeft met hem gevoetbald, die daar heeft z’n huis geschilderd en die heeft bij ’m ingebroken…”

De mens en voetballer Johan Cruijff werden geprezen, aangevuld met imaginaire herinneringen. De broers Dias van sleutelmaker O. Dias herinnerden zich dat Johan daar ook nog wel eens een sleutel had laten bijmaken.

Bij het afscheid vroeg Joost van Wijk van EenVandaag zo voorzichtig mogelijk of ik Martijn Bink van het NOS Journaal alsjeblieft niet mee zou willen nemen naar deze kroeg. „Dat is lullig voor ons, daar zitten wij direct achter.”

Later bracht ik het Radio 1-programma Nieuws en Co naar De Avonden, waarna de rest als lemmingen volgde.

„Eigenlijk was ik beter dan Johan”, zei de enige Surinaamse stamgast tegen een verslaggever. Gevraagd naar zijn naam zei hij ‘Pelé’. Het werd genoteerd.