Opinie

    • Maarten Schinkel

Wat kost een terreuraanslag?

Files bij de grenzen, vliegverkeer in de war, klagende vrachtwagenchauffeurs, opgehouden forenzen: de directe economische gevolgen van de aanslagen in Brussel waren dinsdag en woensdag zichtbaar. Ze tonen hoe groot de mogelijke schade van terrorisme is. Maar ze laten ook zien hoe moeilijk die te berekenen is, als je de indirecte schade meetelt.

Bespoedigen Zaventem en Maalbeek de ontrafeling van het Verdrag van Schengen, dat door de vluchtelingencrisis toch al kraakt in zijn voegen? Wat doet terrorisme met het consumentenvertrouwen en de investeringsbereidheid van bedrijven? En wat is de prijs van een grotere veiligheidscontrole in het maatschappelijk verkeer – met name bij het openbaar vervoer. Tijd is geld. Verloren tijd kost geld. De neiging er een cijfer op te plakken is groot.

Directe schade is nog relatief eenvoudig te berekenen. Het Institute for Economics and Peace (IEP), een denktank, liet vorig jaar november weten dat de schade van terrorisme in 2014 wereldwijd 52,6 miljard dollar bedroeg. Dat was het hoogste bedrag sinds 2001. Toen kostten de aanslagen in New York en Washington iets meer.

De piek van 2001 was zo hoog omdat schade in Westerse landen in dollars (of euro’s) gemeten relatief groot is. Dat zie je ook terug bij schade van natuurrampen. Als een orkaan Jamaica treft, zijn het leed en het immateriële verlies vergelijkbaar met een soortgelijke gebeurtenis in New Orleans. Maar Amerikaanse schade is duurder dan Jamaicaanse. Zoals een aanslag in Pakistan, Libanon of Kenia ‘goedkoper’ is dan één in Parijs. Terwijl een leven overal ter wereld toch even veel waard is.

Schade kun je zo groot maken als je wil. Een schoolvoorbeeld van een hyperbool: de directe kosten van 11 september 2001 bijvoorbeeld, werden tien jaar later door de New York Times berekend op 55 miljard dollar – in lijn dus met het IEP. Maar de ‘economische schade’, een niet in te halen verlies aan economische activiteit, werd veel hoger geschat: op 123 miljard. Dan was er het optuigen van het Amerikaanse superministerie van Homeland Security: 589 miljard. De kosten van de Amerikaanse oorlogen in Afghanistan en Irak die als gevolg van 9/11 werden gevoerd: 1.649 miljard. En toekomstige kosten van oorlogen en veteranen werden geraamd op 867 miljard. Voilá: de totale kosten van 9/11: 3.300 miljard dollar. Dat staat gelijk aan de toenmalige omvang van de economie van Latijns-Amerika, het Midden-Oosten en Noord-Afrika samen. Zou het?

Voorzichtigheid is dus gebonden bij het calculeren van de gevolgen van aanslagen. In Nederland is er, gek genoeg, een soort maximumbedrag ontstaan voor directe schade. Hier werd in 2003, in de nasleep van 9/11 de Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschaden N.V. opgericht – Willem Elsschot had geen betere naam kunnen verzinnen.

Deze NHT is een achtervanger voor verzekeraars, opgericht om te voorkomen dat zij schade uit terrorisme in het geheel niet meer zouden willen dekken. Verzekeraars, herverzekeraars en (voor 50 miljoen) de overheid staan garant voor de dekking. De omvang: een miljard euro. Bonter mogen de aanslagplegers het hier kennelijk niet maken. Maar laten we hopen dat het nooit nodig zal zijn.

    • Maarten Schinkel