Wat meer kwaadaardigheid graag

Hannah Hoekstra is de botte en directe Tiny inDe helleveeg

Regisseur André van Duren keert na De bende van Oss (2011) terug naar zijn Brabantse geboortegrond voor De helleveeg . De film is gebaseerd op een korte roman van A.F.Th. van der Heijden, het jongste deel in zijn autobiografisch geïnspireerde romancyclus De tandeloze tijd. Deze keer staat de mooie, maar maniakale tante centraal van verteller Albert Egberts, het alter ego van de schrijver: Tiny. Die voert ongepaste, erotisch getinte gesprekken met haar neefje en koestert een kolossale wrok jegens zowel haar echtgenoot, haar ouders als haar zus; tevens de moeder van Albert, die daardoor in een ongemakkelijk loyaliteitsconflict terechtkomt. Gaandeweg de roman wordt langzaam duidelijk waarom tante Tiny zo’n onversneden haat koestert jegens haar naasten.

De film van Van Duren volgt nauwgezet de roman van Van der Heijden. Van Duren is een groot bewonderaar van het werk van de schrijver en die bewondering heeft hem misschien iets te veel in de weg gezeten bij het naar zijn hand zetten van het materiaal. De helleveeg is degelijke, goedgemaakte boekverfilming – en ook een veel betere film dan De Bende van Oss. Maar de film blijft steken in een min of meer rechtstreekse vertaling van de roman in beelden.

Van der Heijden beschrijft bovendien een heel mensenleven en maakt enorme sprongen in de tijd. In een speelfilm werkt dat minder goed: een halve eeuw in één film proppen, dat leidt onvermijdelijk tot een zekere vlakheid. Topacteurs zoals Hadewych Minis, Frank Lammers, Anneke Blok en Gijs Scholten van Aschat hebben stuk voor stuk te weinig te doen om iets van hun rol te kunnen maken. De telkens terugkerende, dromerige scènes in een speeltuin, die de tijdsprongen moeten markeren, maken ook een wat gezochte indruk.

De roman beziet de wereld door de ogen van verteller Albert, maar in de film ligt de nadruk veel duidelijker bij Tiny. Albert (Benja Bruining) heeft niet veel meer dan een bijrol. De met het incesttaboe omgeven broeierigheid tussen tante en haar seksueel ontwakende neef staat daardoor op een laag pitje. De film is vooral sterk als sociale vertelling over zwijgzaamheid, hypocrisie en benepenheid in het Brabantse gezinsleven, en de vrouwen die daardoor – soms onherstelbaar – zijn geknakt.

Troef is de voortreffelijke rol van Hannah Hoekstra als Tiny, die niet voor niets met haar debuut in Hemel (2010) meteen een Gouden Kalf won. Dat was een arthousefilm zonder klassieke dialogen of een traditionele opbouw. Maar ook in deze ambachtelijke boekverfilming is ze goed op dreef. Probleem blijft: de helleveeg van De helleveeg is helemaal niet zo’n kwaadaardige vrouw: ze is vooral nogal bot en direct. De film zou spannender zijn als Van Duren haar écht woedend, agressief en ronduit sadistisch had durven laten zijn.