Gek glas wordt steeds normaler

In Leerdam zie je honderd grote vazen en andere objecten van Ettore Sottsass. Colore laat zien dat een glastentoonstelling niet saai of aanstellerig hoeft te zijn.

Katchina nr 4, The Gallery Mourmans. Foto Erik en Petra Hesmerg

Het leven moet gevierd worden – bijna alle ontwerpen van de Italiaanse architect en ontwerper Ettore Sottsass (1917-2007) getuigen van een enorme vitaliteit. Of het nu een pepermolen betreft, een spiegel, een woonhuis of de aankomsthal van een luchthaven, een Sottsass is kleurrijk, uitbundig en vaak tamelijk radicaal vormgegeven. En hoe ouder hij werd, hoe vrijer de ontwerper zich voelde om zijn designideeën niet meer aan te laten sluiten op de vraag vanuit de markt. Als tachtiger maakte hij zijn meest experimentele en grensverleggende ontwerpen.

Het Nationaal Glasmuseum in Leerdam heeft het voortreffelijke idee opgevat om kunstexpert Frans Leidelmeijer een overzichtstentoonstelling te laten maken van het glaswerk dat Sottsass de laatste 25 jaar van zijn leven heeft ontworpen. Een expositie van honderd grote vazen en andere objecten, alle uit de collectie van Ernest Mourmans, de Limburgse verzamelaar en kunstproducent die tal van meubel-, keramiek- en glasontwerpen van Sottsass heeft gerealiseerd, altijd in gelimiteerde edities.

Foto Fleur Potters

Ettore Sottsass: Xiangsheng 2004, The Gallery Mourmans (gemaakt bij Cirva in Marseille). Foto Fleur Potters

De presentatie van Colore, glas van Ettore Sottsass is bijzonder. Het Nationaal Glasmuseum is gehuisvest in twee oude, door nieuwbouw verbonden villa’s met tal van kleine kamers. Om tuttige vitrines voor de kwetsbare objecten te vermijden, zijn acht hoge, kamervullende tafels gebouwd. Daarop staan de glasobjecten tentoongesteld – niet in een strak grid, maar net zo speels als de ontwerpen zelf.

De bezoeker maakt een omgekeerde tijdreis: de tentoonstelling opent met de glasobjecten die Sottsass aan het eind van zijn leven maakte en eindigt met zijn stukken uit 1982 voor Memphis, de door hem opgerichte ontwerpgroep die zich met bontgekleurde, met goedkoop laminaat beplakte meubels afzette tegen het keurslijf van het modernisme.

Aan die eerste glasobjecten is goed te zien dat Sottsass zich eerder vooral met keramiek had beziggehouden. Zijn Memphis-glas is relatief klein: gestapelde vormen in ongewone kleurencombinaties. Die contrasten ontstonden door losse elementen te verlijmen, iets wat de glasblazers in Murano eigenlijk ongepast vonden.

Aan het eind van de tentoonstelling ervaart de bezoeker die destijds baanbrekende ontwerpen als redelijk ‘normaal’. Want daarvoor heeft hij de extravagante en soms kolossale vazen van recenter datum gezien die Sottsass in samenwerking met Mourmans maakte. Vazen met voor glas vaak ongewone kleuren. Met soms drie in elkaar geplaatste vormen. Vazen ook waarbij glas gecombineerd is met hout, marmer of staal. En vazen met ‘oorbellen’, losse hangende elementen die met ijzerdraad achteloos aan de objecten zijn verbonden.

Colore demonstreert dat een glastentoonstelling niet saai of aanstellerig hoeft te zijn. Tegelijk wordt duidelijk hoe gebaat een ontwerper is bij fabrikanten en producenten die niet weglopen als de gebaande paden worden verlaten.