Dingdingdingdíng: Andy Grove was de man achter Intel Inside

Chipfabrikant Intel werd groot onder de leiding van Andy Grove. Hij was een icoon in de techsector.

Andy Grove in 2008 Tony Avelar / Bloomberg

Wie zich een beetje voor computers interesseert kent vast de Wet van Moore. Intel-oprichter Gordon Moore voorspelde dat het aantal transistoren op een chip elke twee jaar verdubbelt. Ongeveer, dan.

Het was echter oud-Intel-topman Andrew (Andy) Grove die Intel bekendmaakte bij het grote publiek. Onder Groves leiding werd Intel een chipfabrikant met een eigen ‘Intel Inside’-reclamecampagne en een pakkende jingle: een lange toon, en dan dingdingdingdíng. Sinds 1991 is dit deuntje de klank van Intels succes.

Intel Inside was de slogan van Grove, de topman die besloot dat Intel zich als een consumentenmerk moest gaan presenteren. Andere producenten van computeronderdelen gleden weg in anonimiteit – wie weet er nog welke harde schijf of wat voor moederbord er in z’n pc zit? Intel bleef dankzij die slogan en het melodietje een bekende naam. Zo werd het bedrijf ’s werelds grootste chipproducent (omzet 49 miljard euro).

Andy Grove overleed maandag op 79-jarige leeftijd. Hij was een van de grondleggers van de chipindustrie en een icoon in Silicon Valley. Grove kwam in de jaren vijftig in de Verenigde Staten, als Joodse immigrant uit Hongarije. Hij studeerde in New York en kwam terecht bij Fairchild Semiconductor, voorloper van Intel.

Daar werkte Grove samen met Robert Noyce en Gordon Moore, die met z’n tweeën Intel oprichtten in 1968. Andy Grove kwam op dag één in dienst. Eerst als onderzoeker, maar al gauw bleek dat Grove zakelijk en leidinggevend talent had. Hij werd uiteindelijk in 1987 topman.

Verschillende grootheden uit de technologiesector, onder wie Bill Gates (Microsoft) en Steve Jobs (Apple) zagen in Grove hun voorbeeld. Hij was een pionier in de computerindustrie, die gewaagde beslissingen combineerde met technisch inzicht. Al was hij onderzoeker, Grove interesseerde zich vooral voor verbetering van het productieproces; dat is bij chips uitermate complex.

Chip met een rekenfoutje

In de beginjaren van de halfgeleidertechnologie mislukte een groot deel van de productie. Grove slaagde erin het foutpercentage te verlagen. Intel werd zo’n betrouwbare leverancier dat afnemers niet langer vereisten dat chips ook door andere chipmakers geproduceerd konden worden, als achtervang. Intel kon exclusiviteit afdwingen – goed voor de winstmarge.

Intel begon als producent van geheugenchips. De concurrentie in die markt was groot, vandaar dat Grove er eind jaren zeventig op aandrong dat Intel microprocessors ging maken – chips die het rekenwerk uitvoeren. Daardoor profiteerde Intel van de opkomst van de IBM-pc in 1981.

In 1994 kwam er een Pentium-chip uit met een rekenfoutje. Intel ontkende aanvankelijk en probeerde de kwestie onder het tapijt te vegen. Na aanhoudende kritiek besloot Grove de chips alsnog te vervangen. Dat kostte Intel een miljard dollar.

Grove was topman tot 1998 en bleef tot 2004 president-commissaris. Hij schreef meerdere boeken, waaronder Only the paranoid survive (1996). Dat motto gold voor zijn zakenleven en voor zijn persoonlijke geschiedenis: Grove ontsnapte in Hongarije aan de nazi’s en het Russische leger en overleefde prostaatkanker. Sinds 2000 leed hij aan Parkinson.