Column

Aanslagen Brussel op tv: meer gevoelens dan duiding

Röntgenfoto van slachtoffer spijkerbom (RTL4).

De geschiedenis herhaalt zich altijd net even anders. Voor een groot deel voltrok zich de televisiedag, over de twee bloedige terreuraanslagen in Brussel, langs bekende lijnen. Er is veel dat we nog niet weten, ook al omdat de Belgische autoriteiten media en publiek met klem verzoeken niet alle informatie meteen te openbaren. Wat we wel zien en horen is verschrikkelijk, de terreur doet haar werk.

Vanaf negen uur in de ochtend tot middernacht bracht de NOS elk uur een nieuwsupdate. Alle talkshowtafels, inclusief de gloednieuwe van Tijs van den Brink, werden volledig leeggemaakt om slechts één onderwerp te behandelen. Op Twitter werd van alles gemeld dat niet klopte en zo aanleiding tot verwarring gaf. Verder hield men er zich vooral bezig met de vraag of alle reacties van anderen op sociale media wel „gepast” waren. Zo twitterde Volkskrant-columnist Sylvia Witteman geschrokken te zijn van een luide knal in haar keuken, maar het bleek een ei in de roti in de magnetron. Dat werd door veel van haar volgers als een foute grap ervaren op zo’n dag, ook al was het waar.

En verder doken natuurlijk de bekende vragen op: Wat betekent dit voor Nederland? Is terrorisme wel te stoppen? Moeten alle moslims zich distantiëren van een door IS geclaimde schanddaad?

Nieuw voor Europa was, voor zover ik mij kan herinneren, een tegen willekeurige burgers gerichte spijkerbom. De nieuwsuitzendingen van de VRT en RTL Nieuws lieten een röntgenfoto zien van een slachtoffer van de tweede bom in Zaventem, met een enorme spijker die bijna naar Pasen vooruit leek te verwijzen.

Religieus fanatisme, politieke wraakzucht of puberaal nihilisme vormen geen afdoende verklaring voor dit ongeadresseerde sadisme.

Verder viel het verschil op tussen de benadering van het nieuws in België en Nederland. De nieuwsuitzendingen van publieke zender Eén leunden relatief sterker op professionele verslaggevers dan de Nederlandse, waarin getuigenissen van burgers en met de telefoon opgenomen beelden de toon aangaven. Bij de NOS, maar ook in Nieuwsuur, keerden steeds weer montages van spectaculaire beelden terug, als onheilspellende sfeerimpressie.

Ook de sprekende hoofden richtten zich in Nederland vooral op emotionele beleving en hard aanpakken, terwijl in België meer gerouwd werd, in combinatie met heel veel vragen zonder antwoord.

Vele Belgen namen de moeite naar Amsterdam of Hilversum te reizen om ons verslag te doen van hun ervaringen en inzichten. Dat zorgde voor zinnige televisie, maar die benadering vloekte ook vaak met de hoge toon van de Nederlandse tafelgenoten. Oorlogsverslaggever Arnold Karskens verbijsterde iedereen in Pauw met zijn niet aflatende woede tegen politici, die door hun vluchtelingenbeleid de „zijpoort hebben opengezet voor terroristen”.

Hopelijk heeft hij het daarmee verbruid bij de redactie, want ik kijk er niet erg naar uit de komende weken te worden geconfronteerd met ruzie over de schuldvraag. En de etiquette van de empathie.