Column

Wat zegt een bonus over de topman?

Hozen. Anders zinkt de olietanker. De spreekwoordelijke Brits-Nederlandse olietanker, Shell, maakt water en is een armoedige achterblijver. Maar er staat wel een eersteklas kapitein op de brug in de persoon van Ben van Beurden. Dat is op hoofdlijnen het beeld na lezing van het hoofdstuk in het Shell-jaarverslag waarin de commissarissen verantwoording afleggen over hun beloningsbeleid. In een ideale bedrijfswereld is dat hoofdstuk het enige dat je als werknemer, belegger-activist of minister moet lezen. Dan word je aan de hand van de meevallers en de mislukkingen bijgepraat over de doelstellingen, de uitkomsten en de kwaliteit van het leiderschap van de bovenbazen. Helaas. Ook Shell voldoet niet aan mijn ideaalbeeld. Maar Shell komt wel een heel eind, in elk geval veel verder dan andere multinationals met hun basis in Nederland.

Hoeveel verdient Van Beurden? Zijn basissalaris is 1.460.000 euro. In de argumentatie daarvoor reppen de commissarissen onder meer van de ‘conservatieve positionering’ van zijn salaris: het is minder dan zijn voorganger in 2009 als aanvangssalaris kreeg.

Van Beurden krijgt een kortetermijnbonus in contanten van 3.500.000 euro. Dat is de absolute top in Nederland. Hoe zit dat? Het begint ermee dat zijn bonus bij het behalen van de gestelde doelen 150 procent is van zijn salaris.

Die 150 procent is de sleutel. Dat is een pure bonusversneller. Voor Nederlandse begrippen is dat percentage ongekend. De topman van Philips krijgt een bonus van 80 procent als hij zijn doelen haalt, die van zeep- en voedingsbedrijf Unilever 120 procent, die van uitgever Wolters Kluwer 125 procent en die van Heineken 140 procent. Dus waar is die 150 procent voor Van Beurden op gebaseerd? Dat vertellen de Shell-commissarissen niet.

Van de negen commissarissen zijn er drie Nederlanders. Gerrit Zalm krijgt als topman van ABN Amro geen bonus. Gerard Kleisterlee was chef van Philips, een bedrijf met een relatief matige beloning. En Hans Wijers vindt als commissaris van Heineken 140 procent goed genoeg.

Van Beurden overtrof overigens de doelstellingen ruimschoots en incasseerde een bonus van 245 procent. Deze score is ook het resultaat van het enthousiasme van de commissarissen voor zijn leiderschap. Zij gaven hem het hoogst mogelijke cijfer. Onder meer vanwege zijn stoutmoedige beslissing om enkele grote investeringen te verlagen of te schrappen.

Shell is te prijzen voor het feit dat de doelen waaraan Van Beurden moet voldoen achteraf in het jaarverslag gepubliceerd worden. Dat doen de meeste bedrijven juist niet. Zij vinden dat te gevoelig.

Hoe slecht het echt met Shell gaat zie je aan de langetermijnbonus. Van Beurden krijgt maar 16 procent van de aandelen die hem drie jaar geleden zijn toegezegd: 7.670 stuks. Huidige waarde: ruim 166.000 euro. Waarom zo weinig? Shell presteerde de afgelopen drie jaar gewoon slechter dan de concurrenten in zijn sector.

Deze tegenstelling van hoge cijfers voor de topman op korte termijn maar een lage score op lange termijn, is al een paar jaar het dominante beeld. Ook vóór Van Beurden, die sinds 1 januari 2014 in functie is. Shell gaat prat op zijn langetermijnstrategie en zijn langetermijnbeleid. Maar dat lukt op papier beter dan in de werkelijkheid.