Als terroristen Europa wilden raken, dan is dat gelukt

De omgeving van metrostation Maalbeek in Brussel, naast het gebouw van de Europese Commissie, is afgezet. FOTO EMMANUEL DUNAND / AFP

‘Een gitzwarte en loodzware dag.” Zo omschreef eurocommissaris Frans Timmermans, de aanslagen in Brussel dinsdag. En dat was het in meer dan één opzicht. Metrostation Maalbeek, waar een van de drie ontploffingen plaatsvond, ligt bijna naast het Berlaymont-gebouw waar de Europese Commissie zit. „Letterlijk om de hoek”, schrijft Timmermans.

Als het de intentie van de terroristen was om Europa een dreun te verkopen, dan is dat gelukt. Dichter bij het centrum van de Europese macht kan haast niet. „Dit is niet toevallig”, zegt Europarlementariër Hans van Baalen (VVD). Tegenover het Berlaymont zit het Justus Lipsius-gebouw, waar EU-leiders hun toppen houden, zoals vrijdag over de vluchtelingencrisis. De helikopters en sirenes waarmee die toppen gepaard gaan, waren er dinsdag weer, maar ditmaal niet omdat de regeringsleiders in aantocht zijn.

Blinde paniek onder ambtenaren en diplomaten

Van Baalen kwam ’s ochtends uit Nederland en trof op treinstation Schuman, pal naast Maalbeek, „blinde paniek” aan onder Europese ambtenaren, diplomaten en journalisten. EU-ambtenaar Chris Vanden Plas vertelde tegen De Standaard hoe hij vanuit zijn raam bebloede mensen uit het metrostation zag komen. „Ik ben nog altijd aan het beven”, zei hij. „De aanslag was op een moment dat veel mensen aankomen op het werk. Ik vrees dat er collega’s op de metro zaten.” De ontploffing voelde als „een aardbeving”, zeiden Griekse Commissieambtenaren, terwijl de eeuwig verstopte, maar dinsdag lege Wetstraat verdween achter de schermen van aangerukte hulpdiensten.

„Het is verschrikkelijk”, zegt Van Baalen. „Maar het is niet onverwacht. Iedereen wist dat dit vroeg of laat kon gebeuren.” Dat Brussel zich schrap zette voor aanslagen, is zacht uitgedrukt. Sinds de aanslagen in Parijs zijn de veiligheidsmaatregelen in Brussel opgeschroefd. Het Europees Parlement ging lang prat op zijn open karakter: de burger moest kunnen binnenlopen om de Europese democratie in actie te zien. Maar sinds Koerdische betogers in 2014 met zwaaiende vlaggen eenvoudig het gebouw wisten binnen te dringen Intussen is de volksvertegenwoordiging een vesting geworden.

„Toen ik in de Tweede Kamer zat, kon je zo doorlopen”, zegt Van Baalen. „Dat is verdwenen, ook in Brussel. Dit laat opnieuw zien hoe kwetsbaar onze open samenleving is.” Voor het Berlaymont overzien Amerikanen in maatpakken verbijsterd het slagveld. Een van hen vraagt zich af waarom de militaire politie nu opeens ook ter plaatse is. „Ze rukken uit met alles wat ze hebben”, antwoordt een ander. De Amerikaanse functionarissen waren even daarvoor nog in het gebouw om te onderhandelen over TTIP, het vrijhandelsakkoord tussen de EU en de VS. Ze konden het pand nog net verlaten. „Na ons ging de deur op slot.”

Solidariteit met België overheerst

Moet Europa inderdaad op slot? Het is een vraag die EU-leiders zich nu opnieuw zullen stellen, net als na de aanslagen in Parijs, toen bleek dat terroristen het vrije reizen binnen de Schengenzone wisten uit te buiten, ook omdat de samenwerking van nationale veiligheidsdiensten veel te wensen overlaat en de wapenwetgeving per land verschilt. De vraag staat ook centraal in de vluchtelingencrisis, die EU-landen tot op het bot heeft verdeeld. De angst voor als vluchtelingen vermomde terroristen zal door deze aanslagen ongetwijfeld een nieuwe voedingsbodem vinden.

Vrijdag sloten EU-leiders een cruciaal akkoord met Turkije, dat de chaotische instroom van vluchtelingen moet veranderen in een overzichtelijk, ordelijk proces. Na maanden vol onderlinge ruzies en verwijten leek de Europese eenheid wat hersteld. Zelfs Oost-Europese landen, die niet happig zijn op het opnemen van vluchtelingen, waren weer min of meer aan boord. Blijft dat zo, of schieten landen nu weer in de ieder-voor-zich-kramp waardoor de vluchtelingencrisis maandenlang steeds verder escaleerde?

Dinsdag overheerste de solidariteit met België. Voor bespiegelingen is het volgens Timmermans te vroeg. „Er kan ontzettend veel over worden gezegd, maar op dit moment zijn mijn gedachten bij alle slachtoffers en hun dierbaren, die met zo veel leed worden geconfronteerd.” De Duitse bondskanselier Angela Merkel: „De daders zijn vijanden van alle waarden waar Europa voor staat.” En Europees ‘president’ Donald Tusk verklaarde dat „alle EU-leiders schouder aan schouder staan met België”.

Van Baalen waarschuwt voor „paniek” en „doldriftige uitlatingen”. Volgens de VVD’er is ‘samenwerking’ nu het sleutelwoord en hij denkt daarbij niet alleen aan veiligheidsdiensten of nieuwe EU-wetten, maar vooral ook aan gewone burgers. „Ik kom vaak in Israël en iedereen is daar heel alert op aanslagen. Even bellen met de politie als een busje ergens normaal niet staat. In onze samenleving bemoeit niemand zich met elkaar. Dat moet echt veranderen. We kunnen heel veel doen, we kunnen dit aan.”