Het wereldje van Twitter wordt kleiner

Onder de sociale media is Twitter het belangrijkste nieuwsmedium. Juist dat leidt tot afname van het aantal gebruikers.

In Hatching Twitter, het boek van Nick Bilton uit 2013 over de ontstaansgeschiedenis van Twitter, staat een discussie tussen twee van de vier oprichters over wat Twitter eigenlijk is. De extraverte Jack Dorsey wilde Twitter gebruiken om zijn eigen leven te delen: waar hij was en wat hij deed. In een vroeg ontwerp, dat hij met blauwe pen in een notitieboekje tekende, stonden drie voorbeeldtweets: ‘going to park’, ‘in bed’ en ‘reading’.

De introverte Ev Williams zag het medium juist als nieuwsbron, om te delen wat er om je heen gebeurt. „Als er brand uitbreekt op de hoek van de straat, dan tweet je: ‘Er is brand op de hoek van de straat’.”

Nee, vond Dorsey, dan schrijf je: ‘Ik kijk nu naar een brand op de hoek van de straat.’

Nu Twitter tien jaar oud is, is duidelijk dat Williams gelijk heeft gekregen – ook al is Dorsey nu de bestuursvoorzitter. Tweets als ‘Even ontbijten’ of ‘Straks naar hockeytraining’ zie je bijna niet meer. Twitter is in de eerste plaats een nieuwsmedium, dat op z’n best is bij groot nieuws, sportwedstrijden of als iedereen naar hetzelfde tv-programma kijkt.

Toevallig ontstaan

Dat het sociale nieuwsmedium die functie vervult, is in zekere mate toeval geweest. Zelfs de oprichters wisten niet precies wat ze aan het uitvinden waren. De evolutie in tien jaar tijd is vooral gestuwd door de wensen van de gebruikers.

Williams’ visie op Twitter – dat het handig was voor burgerjournalistiek – kreeg vorm toen hij ontdekte hoe vrienden elkaar via Twitter op de hoogte hielden van een kleine aardbeving in San Francisco die ze allemaal gevoeld hadden. Cruciale features kwamen van gebruikers: zij begonnen handmatig te retweeten (door te beginnen met ‘RT’ en dan de tweet van een ander te herhalen) en mensen direct aan te spreken door een ‘@’ voor de gebruikersnaam te zetten.

Software-ontwikkelaar Chris Messina verzon de #hashtag, bedoeld om tweets over een bepaald onderwerp te groeperen. Toen hij het idee aan de oprichters voorstelde, wimpelden ze hem aanvankelijk af. „Ze zeiden botweg: nee, dat is voor nerds”, zo vertelde Messina in 2013 aan The Washington Post.

Pas later werden de retweet, de reply en de hashtag als officiële functies ingebouwd. Ook aan een eigen app dacht Twitter niet snel genoeg: in 2010 kocht het bedrijf dus maar de beste die er was, Tweetie, en hernoemde die Twitter for iPhone.

Gebruik daalt

Het gebrek aan zelfgestuurde innovatie was nooit een probleem in de jaren dat Twitter groeide als kool, maar het werkt tegen het medium nu die tijd ten einde is. Het aantal actieve twitteraars loopt terug, ook in Nederland. Uit het Nationale Social Media Onderzoek 2016 van Newcom Research, onder meer dan tienduizend Nederlanders van 15 jaar en ouder, bleek onlangs dat zo’n 900.000 Nederlanders Twitter dagelijks gebruiken. Twee jaar geleden waren dat er nog 1,5 miljoen.

Wereldwijd liet het aantal maandelijks actieve gebruikers in het laatste kwartaal van 2015 voor het eerst een daling zien: van 307 naar 305 miljoen. Instagram (400 miljoen), WhatsApp (900 miljoen) en Facebook (1,6 miljard) zijn groter. Snapchat (vorig jaar naar schatting 200 miljoen) loopt snel in. Volgens Marc de Vries van Twitter maken 500 miljoen mensen maandelijks ‘uitgelogd’ gebruik van het platform: ze gebruiken geen eigen account en verzenden niets, maar lezen wel mee met tweets van anderen.

Om meer gebruikers te trekken en aandeelhouders gerust te stellen, kondigde Dorsey vorig jaar veranderingen aan. Hij hief de 140-karakter-limiet voor privéberichten op en hintte naar een optie om berichten tot tienduizend karakters direct op Twitter te kunnen publiceren.

De vraag is of het bedrijf zelf nog kan beïnvloeden wat het medium is en hoe het gebruikt wordt. Hoewel met meerdere veranderingen Facebook werd geïmiteerd – een profielpagina met omslagfoto erboven, tweets ‘liken’, foto’s, filmpjes en gifjes direct in de tijdlijn – is het daar in gebruik juist verder vanaf komen te staan. Facebook is voor vrienden, Twitter voor gelijkgezinden.

Op Facebook staan je vakantiefoto’s, daar feliciteer je vrienden met hun verjaardag. Op Twitter volg je mensen met dezelfde interesses, mensen uit je vakgebied, een paar nieuwssites en misschien je favoriete artiesten. Bovendien is het van alle sociale media het meest openbaar, terwijl juist gesloten apps als Snapchat en WhatsApp terrein winnen. Die openbaarheid gaat gepaard met gebruik van schuilnamen, wat het weer makkelijker maakt om te schelden en ruzie te maken.

‘Trending’ ben je zo

En dus slinkt het belang van Twitter. Wat het in Nederland tot ‘trending topic’ schopt, hoeven we ook weinig aandacht te geven. Laurens Collée van online-strategiebureau Bolster had op een woensdagmiddag in 2015 aan tachtig tweets genoeg, afkomstig van zestig mensen, om zijn grapje ‘#Kroesing’ trending topic te maken. #Kroesing was: op de foto gaan met een zonnebril en koffie, zoals Neelie Kroes die zomerdag deed. Het lukt soms met veel minder al, zegt hij. „Met vijf of zes man kan het. Als je een paar mensen inlicht en het juiste moment kiest, heb je het zo voor elkaar.”

Het algoritme dat bepaalt wat ‘trending’ wordt is geheim, maar bekend is dat er binnen korte tijd een significante stijging nodig is van tweets over een onderwerp, afkomstig van meerdere mensen tegelijk. „En timing is belangrijk”, zegt Collée. „Dat je niet wordt dwarsgezeten door iets anders waar iedereen het op dat moment over heeft.”

Een afspiegeling van de samenleving is Twitter niet meer – als het dat al ooit geweest is. Vooral scholieren stapten de afgelopen jaren over naar Instagram en Snapchat; op Twitter bleef een groep van twintigers en dertigers over. Oververtegenwoordigd zijn mensen die in media en communicatie werken, schrijvers, kunstenaars, wetenschappers en politici.

Toch maken veel ‘snelle’ nieuwssites nog regelmatig berichtjes van iets dat op Twitter gebeurt. Dat het ‘ontploft’, of er ‘ophef’ over iets is ontstaan. Overschatting van het medium, vindt Colleé. Voor iedereen die er niet op zit, betekent het weinig. „Twitter is ‘ons kent ons’.”