Obama blijft ver van de gewone Cubaan

Barack Obama heeft bij zijn historische bezoek aan Cuba het zelfbeschikkingsrecht van dit land herbevestigd. “Het lot van Cuba ligt in de handen van Cuba.” Voor de Cubanen kunnen de ontwikkelingen niet snel genoeg gaan. “Niets is hier veranderd.”

Foto AP

Een bilateraal gesprek met de Cubaanse president Raúl Castro, ontmoetingen met Cubaanse ondernemers en een kranslegging bij het monument van negentiende eeuwse Cubaanse dichter en vrijheidsstrijder José Martí. De Amerikaanse president Barack Obama had maandag een vol programma tijdens de eerste officiële dag van zijn historische bezoek aan Cuba. De veranderingen in Cuba zijn in gang gezet en gaan verder, en daar staat de Cubaanse president ook achter, was de boodschap van Obama tijdens een gezamenlijke persconferentie met ambtgenoot Raúl Castro.

Ook benadrukte Obama dat de nieuwe relatie tussen beide landen niet meer, zoals in het verleden wel het geval was, gedicteerd wordt door Amerika, maar dat beide landen op gelijke voet staan. „Het lot van Cuba ligt in de handen van Cuba, niet in die van de Amerikanen. De relatie is gelijkwaardig: wij moeten kritiek kunnen uiten op Cuba, maar Cuba moet ook op ons Amerikaanse beleid kritiek kunnen uiten”, aldus de Amerikaanse president.

De Cubaanse president Raúl Castro ontkende tijdens de persconferentie dat er politieke gevangenen in Cuba zijn. „Geef me een lijst van de politieke gevangenen, en ik laat ze onmiddellijk vrij”, zei hij op een vraag van een journalist waarom Cuba nog steeds politieke gevangenen heeft.

Vader van de onafhankelijkheid

Ondertussen proberen de inwoners van Havana iets van het bezoek van de Amerikaanse president in hun stad mee te krijgen. Uitgedost met een Cubaanse vlag om zijn schouders, een T-shirt en pet in de kleuren van het eiland is arbeider Daniel Jorente Miranda (52) nog wat blijven hangen rondom de Plaza de la Revolución, het plein van de revolutie.

In de ochtend vond hier de kranslegging plaats bij het imposante standbeeld van de ‘vader’ van de Cubaanse onafhankelijkheidsstrijd tegen Spanje, José Martí. Al twee dagen volgt Daniel Jorente Miranda de gangen van Obama, maar behalve het feit dat informatie rondom het bezoek voor de bevolking minimaal is, worden de Cubanen volgens hem met opzet ver op afstand gehouden.

„Bij andere presidenten die ons land bezoeken, krijgen we veel meer vrijheid, maar nu word je onmiddellijk verwijderd als je probeert in de buurt van Obama te komen. Maar de Amerikaanse president is hier toch ook voor ons”, moppert Miranda.

Miranda verwijt dat niet de Amerikanen, maar het zijn volgens hem de Cubaanse autoriteiten die willen voorkomen dat er direct contact zal ontstaan tussen Obama en de Cubaanse bevolking.

Fidel was echt als een vader voor ons allemaal.

Raúl is meer een technische president

Daniel Jorente Miranda, arbeider

Zondag werd een groep demonstranten van een dissidentenorganisatie al hardhandig verwijderd door de politie. Of Obama tijdens zijn tweedaagse bezoek het echte Cuba te zien krijgt betwijfelt de arbeider. „De mensen die de evenementen bezoeken zijn leden van de communistische partij en hun familieleden, wij, de gewone Cubaan niet”, klaagt hij.

President Raúl Castro, die in 2008 zijn oudere broer en leider van de Cubaanse revolutie Fidel Castro (89) opvolgde en in 2018 met pensioen gaat, wordt door hem omschreven als een autoritaire maar weinig charismatische leider. „Fidel was echt een vader voor ons allemaal, maar dat is Raúl niet. Onze president is een technische president, en dat zijn tot nu toe ook de veranderingen die zijn aangekondigd. In de praktijk is er weinig veranderd”, zegt Daniel Jorente Miranda sceptisch.

Toch benadrukte Obama na het gesprek dat ook het handelsembargo, dat nog altijd niet opgeheven is, uiteindelijk zal worden losgelaten, maar dat het Amerikaanse Congres daarover moet beslissen.

Zijn delegatie, onder meer bestaande uit veertig Congresleden, zowel Democraten als Republikeinen geeft volgens Obama aan dat ook aan Republikeinse zijde interesse is om dit embargo op te heffen.

Als Daniel Jorente Miranda zijn hart heeft gelucht en over het plein terug naar huis loopt, wordt hij onmiddellijk staande gehouden door Cubaanse bewakers van de veiligheidsdienst. Hij moet zijn identiteitsbewijs laten zien en uitleggen waar het gesprek met de buitenlandse pers over ging. Na tien minuten mag hij verder. Hij zwaait nog even met zijn vlag en roept: „Je ziet het, is er werkelijk iets veranderd in Cuba?”