DJI legt een Chinees netwerk voor farm drones aan

Foto AP Photo/Shizuo Kambayashi

Wat gebeurde er in Azië terwijl je sliep? Onze correspondenten praten je bij.

Terwijl in de Verenigde Staten en in Japan de helft van de boeren een drone gebruikt om de velden te inspecteren, heeft maar drie procent van de Chinese boeren een drone. Dat moet veranderen, meldt China Daily. DJI, de grootste, commerciële drone-producent zet een uitgebreid netwerk op voor zogeheten farm drones.

DJI gaat tienduizend mensen opleiden om de drones te bedienen. Daarnaast komen er honderd servicecentra. Het bedrijf biedt ook subsidies voor verkooppunten voor farm drones. Directeur Verkoop van DJI, Cao Nan, legt de voordelen nog eens uit.

Een landbouwdrone kan tien kilo pesticiden dragen en kan per uur een gebied tot vier hectare besproeien. Dat is veertig keer efficiënter dan wanneer een mens dat werk doet. Het is daarmee ook een oplossing voor het tekort aan arbeiders op het platteland.

Takata verkoopt onderdelen om terugroepactie te financieren

De grootse terugroepactie waartoe de Japanse producent van auto-onderdelen Takata vorig jaar werd gedwongen, ettert nog altijd door. Volgens de Nikkei Asian Review wil het bedrijf een Amerikaanse producent van interieurmaterialen verkopen om geld op te halen voor de recall. Een aantal waardevolle aandelen in andere bedrijven, die Takata in bezit heeft, gaan ook in de verkoop.

Het Amerikaanse bedrijf dat Takata wil verkopen heet Irvin Automotive Products. De verkoop moet tientallen miljarden yen opleveren. Takata kocht het Amerikaanse bedrijf in 1989. Het maakt materiaal dat wordt gebruikt voor onder meer autostoelen.

In mei 2015 bleek dat veel airbags die Takata had geproduceerd, niet goed werkten. De airbags zaten in verschillende merken en types auto’s. Alleen al in de Verenigde Staten werden 34 miljoen auto’s terug geroepen.

Sinopec profiteert van One Belt, One Road project

Groeit de economie in China minder hard, dan is er altijd nog het One Belt, One Road project. Het staatsbedrijf Sinopec (SEG) profiteert van de kansen die het nog aan te leggen handelsnetwerk biedt. Dat schrijft de South China Morning Post.

In eigen land daalt de waarde van nieuwe contracten van 53 miljard yuan (7,3 miljard euro) vorig jaar, en 61 miljard yuan (8,4 miljard euro) in 2014, naar 46 miljard yuan (6,3 miljard euro) dit jaar. Toch heeft CEO Yan Shaochun goede hoop.

SEG had het vorig jaar moeilijk. (…) Maar de buitenlandse markt, vooral de One Belt, One Road-landen waar Beijing de economische ontwikkeling financieel steunt, heeft ons kansen gegeven.

Wat die kansen precies zijn, en wat ze opleveren, vertelt Yan Shaochun niet.