‘Internet revolutionair? Er is juist een tekort aan écht grote uitvindingen’

Zelfrijdende auto’s maken hun eerste ritjes op snelwegen, robots gaan volgens sommige economen veel banen overnemen, de smartphone is binnen een paar jaar tijd een onmisbaar communicatiemiddel geworden. Het is verleidelijk om te denken dat vernieuwing sneller gaat dan ooit en dat we middenin een ongekende technologische revolutie zitten. Dat is ook wat veel technologiebedrijven zeggen. Maar is dat wel zo?

Nee, zegt Robert Gordon, auteur van het begin dit jaar verschenen boek The Rise and Fall of American Growth, in een vraaggesprek met NRC. „Sterker: we zitten in een periode van stagnatie.” The New York Times vergeleek de impact van zijn werk eerder dit jaar met die van Thomas Piketty, de Franse econoom die ongelijkheid op de kaart zette. Gordon zet de huidige ontwikkelingen af tegen de enorme sprongen die de economie maakte tussen 1870 en 1970, toen uitvindingen zoals elektriciteit en antibiotica volgens hem veel grotere invloed hadden op het dagelijks leven.

Van de auto en het wegennet tot het vliegtuig, het met een factor twintig terugdringen van de kindersterfte en verwarming in elk huis, de telefoon, geluidsopnames, de uitvinding van film en later televisie: de veranderingen waren relatief veel groter en massaler eind negentiende eeuw dan nu, zegt hij.

Volgens de data van Gordon blijft productiviteitsgroei nu ver achter bij toen. Dat leidt volgens hem tot lage groei van de inkomens, met name aan de onderkant van de samenleving. En die dragen weer bij aan een groeiende ongelijkheid in met name de Amerikaanse samenleving.

Gordon denkt dat een gebrek aan echte vernieuwingen een oorzaak is van de welvaartskloof en de woede onder het Amerikaanse electoraat, die leidt tot de verrassende opkomst van Donald Trump in de Amerikaanse voorverkiezingen.

Gordon stelt dat de vooruitgang in robots, internet, 3D-printers of zelfrijdende auto’s er wel degelijk toe doet. „Maar de ontwikkeling is evolutionair, niet revolutionair .”

De toename van de productiviteit, de belangrijkste oorzaak voor economische groei, is nu relatief laag en zal dat nog zeker een kwart eeuw blijven, denkt hij. Nieuwe grote uitvindingen ziet hij niet aan de horizon.