Er is een groot tekort aan écht grote uitvindingen

Zelfrijdende auto’s maken hun eerste ritjes op snelwegen, robots gaan volgens sommige economen veel banen overnemen, de smartphone is binnen een paar jaar tijd een onmisbaar communicatiemiddel geworden. Het is verleidelijk om te denken dat vernieuwing sneller gaat dan ooit en dat we middenin een ongekende technologische revolutie zitten. Dat is ook wat veel technologiebedrijven zeggen. Maar is dat wel zo?

Nee, zegt Robert Gordon, auteur van het begin dit jaar verschenen boek The Rise and Fall of American Growth, in een vraaggesprek met NRC. „Sterker: we zitten in een periode van stagnatie.” Gordon zet de huidige ontwikkelingen af tegen de enorme sprongen die de economie maakte tussen 1870 en 1970, toen uitvindingen zoals elektriciteiten antibiotica volgens hem veel grotere invloed hadden op het dagelijks leven.

Van de auto en het wegennet tot het vliegtuig, het met een factor twintig terugdringen van de kindersterfte en verwarming in elk huis, de telefoon, de uitvinding van film en tv: de veranderingen waren relatief veel groter en massaler eind vorige eeuw dan nu, zegt hij.