Zij maken Amsterdam tot Amsterdam

Vreemde vogels? Vooral in Amsterdam kom je er genoeg tegen. En dat is wat deze stad zo leuk maakt, vond ook Anne Brugts, die er een boek van maakte. „Het zijn mensen die helemaal zichzelf zijn.”

‘Soms liep ik over straat en zag ik opeens een geweldig persoon voorbijfietsen. Die móét ik hebben, dacht ik dan, en dan stoof ik erachteraan.” Anne Brugts (27) lacht. „Ik geloof dat ik best wat mensen bang heb gemaakt met mijn achtervolgingen.” Komende week verschijnt haar boek Amsterdam Characters, met portretten van excentrieke voorbijgangers in de hoofdstad: jong, oud, man, vrouw en alles daar tussenin. De één volledig uitgedost in felle kleuren, de ander juist strak in het wit of als piraat. Vier jaar lang legde Brugts ze vast. „Ik ben geïntrigeerd door mensen met een uniek uiterlijk of individualistische kledingstijl. Mensen die helemaal zichzelf zijn, en dat met trots durven uitdragen. Hen wilde ik graag vastleggen, als een kleine ode aan de diversiteit.”

Juist in Amsterdam

Na haar studie sociologie begon Brugts met haar project, zonder budget en zonder ervaring met fotografie. „Ik zag zoveel moois op straat, het leek de creatieve vertaling van mijn studie. Al die bijzondere mensen – maar echt oog is er niet voor. Wat jammer dat dit niet gedocumenteerd wordt, dacht ik.” Ze vindt het prachtig dat mensen „hun eigen expressie, hun eigen ruimte innemen, dat ze zich vrij voelen zich te uiten zoals zij dat willen”. Juist in Amsterdam kan dit, stelt ze. „Ik kwam uit Den Haag, daar zag ik dit niet. Toen ik naar Amsterdam vertrok werd het beeld dat ik ervan had, een stad die vrijheid promoot en ruimte geeft aan mensen, meteen bevestigd.” Toch zijn zelfs hier mensen met een uniek uiterlijk schaars in het straatbeeld, zegt Brugts.

Dat vindt ook Casper Reinders, horeca-ondernemer met een baard en armen vol tatoeages, die vrolijk de camera in kijkt. „Het past bij mij, maar ik ga me er bijna voor schamen in deze tijd”, zegt hij in het boek. Volgens hem onderscheid je je tegenwoordig juist zónder baard en tatoeages. Reinders pleit voor meer eigenheid, en zegt dat hij zelf ook steeds meer doet wat zijn hart hem ingeeft, „ook al moet ik daarvoor met mijn ballen op het hakblok”.

Want negatieve reacties krijg je als ‘vreemde vogel’ natuurlijk óók. Maar vergeleken bij andere steden valt dat al met al toch enorm mee, weet Brugts uit de verhalen. En waar in de jaren ’60 een dame met felrood haar en een kleurrijk hoedje nog werd uitgescholden (ja: in Amsterdam), wordt zij tegenwoordig vooral positief aangesproken: ‘Wat ziet u er vrolijk uit’.

Schuchter of trots

Naar die persoonlijke verhalen ging Brugts op zoek. Hele middagen hing ze rond op straat. „Sommigen reageerden schuchter als ik ze aansprak, anderen waren juist trots. Uiteindelijk wilden ze bijna allemaal wel op de foto – ze stáán voor wat ze willen uitstralen.”

Neem L’leta, een mooie meid met blauw haar, die zich na negatieve reacties toch maar besloot aan te passen aan de standaard. Maar toen ze er zo ‘normaal’ uitzag voelde ze zich juist heel ongemakkelijk. Nu loopt ze weer rond met blauw haar. „Dit blauwe haar is wie ik ben. Eigenlijk had ik ermee geboren moeten worden.”

Al is het boek af, het project is nog lang niet klaar als het aan Brugts ligt. „Hopelijk leidt het juist tot nieuwe inspiratie. En ik heb nog wat mensen op mijn verlanglijstje. Ken je die man met die felgele Speedo-zwembroek? [De halfnaakte billenman die op rollerskates of fiets de stad doorkruist, red.] Die ben ik al eens keihard achterna gefietst; maar hij ging zo snel, het lukte me niet om hem in te halen. Die hoop ik nog eens te portretteren.”

    • Jorie Horsthuis