Column

Vers bloed

De twaalfde president van Italië, Sergio Mattarella, was deze week op staatsbezoek in Ethiopië. Daar deed hij een opmerkelijke uitspraak. „We denken in Europa dat wij het centrum van de wereld zijn”, zei hij. „Maar Europa is al lang niet meer het centrum van de wereld.”

Het zijn woorden die tot nadenken stemmen. Om te beginnen is het pikant dat hij deze uitspraak deed in een voormalige kolonie van Italië, een land dat met veel geweld is ingelijfd in Italiaans Oost-Afrika en door de kolonisator op weinig zachtzinnige wijze is bestuurd. Zijn gastheren zullen zich de tijden heugen dat Europa zich nog meer dan nu het centrum van de wereld waande en anders dan nu de middelen had om de wereld haar wil op te leggen. Voor hen is de boodschap dat Europa niet langer het centrum van de wereld is goed nieuws.

Mattarella deed zijn uitspraak in de context van een gesprek over de op dit moment zo tergend actuele vluchtelingenproblematiek die het huidige Europa verscheurt. Hij wees erop dat Ethiopië, hoewel het een straatarm land is, zeker in vergelijking met de obees uitbuikende Europese naties, en te kampen heeft met grote droogte, buitengewoon genereus opvang biedt aan honderdduizenden vluchtelingen voor oorlog en honger uit aangrenzende landen.

In Europa beseffen we heus wel dat de tijden voorbij zijn dat we uitvoeren op machtige galjoenen om andere continenten met onze musketten en karabijnen te bezetten en te plunderen. Maar we wanen onszelf graag op een andere manier het centrum van de wereld. Onze militaire macht is verwelkt, maar daarvoor in de plaats genieten we volgens onszelf aanzien vanwege onze morele statuur. Ik denk dat Mattarella gelijk heeft om die ethische zelfgenoegzaamheid te ondergraven door erop te wijzen dat een arm Afrikaans land bereid is meer te doen voor vluchtelingen dan heel Europa bij elkaar met haar trotse claim op morele superioriteit. Dat hij zijn uitspraak deed in een voormalige Europese kolonie, herinnert eraan dat Europa bovendien een morele schuld heeft in te lossen. De armoede en de andere problemen waarvoor Afrikanen naar Europa proberen te vluchten, zijn door ons zelf veroorzaakt in zoverre zij een erfenis zijn van ons koloniale systeem. Dat maakt onze defensieve houding jegens vluchtelingen des te verwerpelijker.

Maar alsof dat nog niet erg genoeg is, is het nog erger met ons gesteld dan we denken. Europa is niet langer het centrum van de wereld omdat Europa er niet meer toe doet. We zijn het lachertje van de internationale politiek met onze logge Unie. Economisch worden we aan alle kanten ingehaald. Dynamisch zijn we al lang niet meer. Spannende dingen gebeuren elders. Het continent vergrijst. We kunnen onze pensioenen en ziektekosten niet meer opbrengen. We hebben alleen nog onze herinneringen, die we kunnen verkopen. Voor de rest van de wereld zijn we een pretpark geworden waar je selfies kunt maken met resten van onze cultuur uit vroegere eeuwen toen we er nog toe deden.

Het enige wat Europa nog kan redden op lange termijn, is vers bloed. Nieuwe, jonge, sterke mensen met werklust en daadkracht die onze vergrijzing kunnen compenseren en die voor ons kunnen zorgen wanneer we kwijlend in een rolstoel in het museum zitten om naar onze oude kunstschatten te kijken. De oplossing van ons probleem bonst op onze deuren. Onze redding en onze toekomst hebben er alles voor over om met gevaar voor eigen leven op rubberbootjes naar ons toe te komen. We zien het niet.