Pleinbaby als symbool voor bravoure en speelsheid

Zondag is het begin van de buitenexpositie van het festival

Een kat? Een hamster, met die bolle wangetjes? Op het Schouwburgplein proberen scholieren Otmar en Delait te raden wat het moet worden, het enorme kunstwerk dat hier wordt opgebouwd uit aluminium buizen, omspannen met brede stroken stof in roze, lila, en beige. Twee opgestoken armen – of poten dus, volgens Otmar en Delait – zijn al duidelijk herkenbaar, het hoofd is nog niet af. Naast het ruim dertien meter hoge werk ligt een oor dat de bouwers er straks op gaan zetten, zo groot als een rubberboot.

Een peuter is het, zegt ontwerper Edith Gruson van ProArtsDesign. „De nieuwe Rotterdammer. Maar iedereen noemt het de pleinbaby.” Zondag, als het wederopbouwfestival Rotterdam viert de stad! officieel van start gaat, moet het werk af zijn, zegt Gruson. Drie kilometer aluminiumbuis, gerangschikt in polyhedra’s, moeten voor zondag een „neutrale, geslachtsloze baby” vormen, met een huid van stroken vlaggenstof, vastgezet met 15.000 tiewraps. Ze is er niet helemaal gerust op, zegt Gruson bij een snelle kop koffie, om er direct aan toe te voegen: maar het komt wel goed.

De pleinbaby maakt onderdeel uit van de buitenexpositie Head Lights. Op 7 bekende wederopbouwpanden in de stad zijn grote geveldoeken met kindergezichten aangebracht, die in de schemer met laserprojecties tot leven worden gewekt: het Groot Handelsgebouw, de Doelen, de Bijenkorf, het Nieuwe Instituut, het Maritiem Museum, Bibliotheek Rotterdam en het Timmerhuis. Het eerste gezicht, op het Timmerhuis, is al sinds 5 februari te zien.

Bij de viering van 75 jaar wederopbouw wilde de organisatie verder kijken dan de fysieke wederopbouw, en de beroemde architectuur en stadsplanning van vlak na de oorlog. De ‘hardware’ van de stad is natuurlijk nooit af, maar dat is niet waar nu de meeste aandacht naar uit zou moeten gaan, volgens de organisatie. Er wordt dit keer vooral vooruit gekeken: wat willen Rotterdammers met de stad? En wie maken eigenlijk de stad tot wat hij is? Bij dit wederopbouwfestival moeten Rotterdammers centraal staan – hoe hebben zij de stad helpen opbouwen, en hoe vinden ze dat het verder moet met de stad.

Zij waren zelf met het idee van het kind, gekomen zegt Gruson, die samen met haar partner Gerard Hadders verantwoordelijk is voor de expositie. Ze wonnen daarmee de pitch van de festivalorganisatie voor een ‘markering’ van de 75 jaar wederopbouw: „een sterk beeld, in de buitenruimte: het moet de manifestatie visueel op de kaart zetten.” Bovendien moest deze markering ook „een zelfstandig programmaonderdeel zijn dat de verhalen van Rotterdam, van het leven in de stad vertelt.”

Waarom het kind? Omdat de stad voor altijd jong is, zegt Gruson. „Rotterdam heeft bravoure en speelsheid.” Bovendien is het ook een universeel symbool: „In de meeste culturen zijn de kinderen de toekomst, waar je het allemaal voor doet.”

De kinderhoofdjes hebben per gebouw een andere uitdrukking. „Op het Nieuwe Instituut hangt bijvoorbeeld een recalcitrant gezicht.” Op die gezichten worden met laser portretten van bekende en minder bekende Rotterdammers geprojecteerd. Een beetje naar thema, dus muzikanten op de Doelen, en bijvoorbeeld ondernemers op het Groothandelsgebouw.

Ook op het gezicht van de pleinbaby, waarvan de ogen wit zijn gelaten, worden laserportretten geprojecteerd. Gruson: „Het is een canvas, waarop mensen kunnen vertellen hoe ze de stad groot hebben gemaakt.”

De komende tijd komen daar nieuwe beelden bij, zegt ze. Jongeren van een school op Zuid hebben bijvoorbeeld portretten getekend van kinderen uit hun omgeving, maar dan 75 jaar verder: hoe leven ze dan?

    • Elsje Jorritsma