'Nu pas kan ik erover praten'

John Degenkolb won een jaar geleden Milaan-Sanremo maar mist de klassieker als gevolg van aanrijding met auto tijdens training. ‘Pas nu ben ik klaar om erover te praten en een nieuwe start te maken.’

John Degenkolb een jaar geleden als winnaar van Milaan-Sanremo. Foto Cor Vos Foto’s Cor Vos

Natuurlijk doet het pijn. Niet kunnen sprinten op de Via Roma zaterdag, maar thuis zitten voor de televisie om te kijken naar Milaan-Sanremo, de klassieker die hij vorig jaar won. „Het zal zwaar zijn”, besefte John Degenkolb eerder deze week al. Maar wat was hij gelukkig, woensdagochtend in het Taunusgebergte rond zijn woonplaats Oberursel bij Frankfurt. Geen Primavera, wel voor het eerst sinds acht weken weer fietsen. „Er ligt nog een zeer lange en zware weg voor me”, jubelde de Duitse krachtpatser in een tweet. „Maar het doet wahnsinnig gut eindelijk weer op de fiets te genieten van de vrijheid in de natuur.”

Zijn eerste fietstochtje:

Die totaal vernielde fietsen in een rotsachtige kant van een olijfboomgaard in het Spaanse Calpe, de foto staat op het netvlies gegrift.

Een onoplettende Britse automobiliste had in een frontale botsing zeven wielrenners van de Duits-Nederlandse ploeg Giant-Alpecin compleet van de weg gemaaid tijdens hun training van eind januari. „De afgelopen acht weken heb ik nodig gehad om er overheen te komen”, vertelde Degenkolb eerder deze week aan de verzamelde media in het Alt Oberurseler Brauhaus. Hectiek als in de hoogtijdagen van Jan Ullrich en Erik Zabel. „Het is een lange weg om hier weer te staan. Pas nu ben ik klaar om erover te praten en een nieuwe start te maken.”

We werden frontaal geramd

De 27-jarige renner, die vorig voorjaar naast Milaan-Sanremo ook Parijs-Roubaix won, begint zijn comeback met een terugblik op wat hij „een afgrijselijk ongeluk” noemt. „Het was een mooie zaterdag met warm weer. Een dag met sprintoefeningen, we reden rustig terug naar het hotel. Side by side, de laatste renner alleen. Tot om de bocht ineens die auto kwam.” Een zwarte SUV reed recht op de renners af. „Voor de eerste zes was geen ruimte om uit te wijken. De zevende man (de Deen Søren Kragh Andersen, red.) kon er net links langs. Naar rechts konden we ook niet, daar waren alleen maar stenen, rotsen en bomen. We werden frontaal geramd door die auto. Het ging zo snel.”

De gevolgen voor Degenkolb waren heftig: een open breuk van de linkeronderarm, zware verwondingen aan gezicht en bovenbeen. Maar het ergste was nog wel de dreigende amputatie van de linkerwijsvinger, cruciaal voor een renner om in de remmen te kunnen knijpen. „Ik heb vijf operaties achter de rug. Het was een zeer serieuze blessure. De vinger was totaal kapot. Hij was er bijna afgerukt, het bot was volledig verbrijzeld. Twee weken geleden hebben ze met een operatie nog een stukje bot uit mijn heup gehaald. Gelukkig zijn er nu artsen die bijna alles kunnen herstellen. Ik ben hen zeer dankbaar.”

Je ziet wat echt belangrijk is: familie

Behalve de fysieke pijn was er de mentale klap. „Ik weet nog niet hoe ik straks zal reageren op de fiets. De mentale schade van het ongeluk is zeker niet te onderschatten. Het is goed geweest dat ik er in eigen kring veel over heb kunnen spreken, ik heb ook geen nachtmerries gehad. Door een ongeluk als dit ga je anders denken over dingen, kijk je vanuit een ander perspectief naar het leven. Je ziet in wat echt belangrijk is: je familie. Ik ben een energiek persoon, werd soms gek van het thuiszitten en niets doen. Mijn vrouw en mijn zoontje Leo hebben me er doorheen geholpen.”

Steeds weer die gedachten aan de zware trainingsarbeid van afgelopen winter, allemaal voor niets. „Een week voor het ongeluk waren we nog in Roubaix om het parcours te verkennen en materiaal te testen. Het was een emotioneel moment voor me, die dag kreeg ik een gedenkteken in de oude douches bij de wielerbaan voor mijn zege van vorig jaar. Ik was op mijn beste niveau, goed op weg om mijn titels in de monumenten Milaan-Sanremo en Parijs-Roubaix te verdedigen. En dan is alles ineens kapot. Dat is keihard om je te realiseren en te accepteren.”

Thuiswedstrijd in Frankfurt

Blijvende angst om als renner zomaar aangereden op een weg waar je je veilig waant? „Je weet dat wielrennen een riskant vak is. Ik zie dit echter niet als iets dat aan sport gerelateerd is maar als een verkeersongeluk. Het had ook kunnen gebeuren als ik met mijn familie een klein autootje had gehuurd zonder airbag. Sterker, dan waren de gevolgen waarschijnlijk nog ernstiger geweest.”

Boos op de Britse automobiliste is Degenkolb niet. „Natuurlijk heeft ze een ernstige fout gemaakt. Ze riskeerde niet alleen mijn leven maar ook dat van mijn teamgenoten. Wij waren de slachtoffers maar zij is ook slachtoffer. De schade voor haar is al enorm en het verandert niets als ik boos ben. Ze deed het niet expres. Nee, er is geen ontmoeting geweest, alleen mijn team heeft contact gehad met haar familie. Ze vertelden dat ze totaal in shock was, en zich heel erg schuldig voelde. De verdere afhandeling laat ik aan mijn advocaten. Ik focus me op mijn comeback.”

Doel is weer een rugnummer opspelden

Ploeggenoten Chad Haga en Max Walscheid zijn nog niet hersteld van de crash. Warren Barguil, Ramon Sinkeldam en Frederik Ludvigsson keren deze maand terug in koers. Kopman Degenkolb hoopt stiekem op 1 mei klaar te zijn voor zijn thuiswedstrijd, de semiklassieker Rund um den Finanzplatz Eschborn in Frankfurt. „Ik ben ver teruggeworpen, moet weer op nul beginnen. Mijn eerste doel is weer een rugnummer op te spelden. Doel twee is komende zomer de Tour de France.”

En Milaan-Sanremo? „Iedereen zegt dat Michael Matthews wint”, zegt hij na lang peinzen. „Ik hou het op Alexander Kristoff.” De Noor die hij vorig jaar versloeg.

    • Maarten Scholten