‘Het moest een vrolijk gedicht worden’

Stadsdichter Hester Knibbe draagt zondag haar ‘Ode aan 010’ voor

Ode aan 010 is qua stijl anders dan we van u gewend zijn.

„Het is voor mijn doen populair en direct. Het moest een gedicht worden dat iedereen aanspreekt en past bij het vrolijke moment van de viering van 75 jaar wederopbouw. Dan moet je niet filosofisch gaan doen, wellicht meer de manier waarop ik normaliter schrijf.“

Wat was uw insteek?

„Ik wilde Rotterdam laten zien aan de hand van de tegenstellingen. Rijkdom tegenover armoede. De Markthal tegenover de Voedselbank. Daardoor is het een ander gedicht geworden dan ik normaal schrijf. Meer een opsomming. Ik heb geprobeerd om alle Rotterdammers te eren. Dat maakte het een lastig gedicht om te schrijven. Ik had heel duidelijk een publiek voor ogen. Gewoonlijk heb ik dat niet.

Het lijkt heel simpel maar ik heb behoorlijk zitten zwoegen. Heel gewetensvol ook omdat ik dan iets schrijf dat speciaal is voor de mensen op dat moment. Poëzie schrijven gaat sowieso al vaak gepaard met veel schrappen. Bovendien had ik maar een week of drie de tijd. Het gedicht moest in januari klaar zijn. Het was niet de enige klus die ik op dat moment had.”

Voordragen op het Schouwburgplein. Spannend?

„Ik lees vrij veel voor en sta regelmatig in zalen. Wat dat betreft is deze voordracht niet speciaal. Wel bijzonder is de gelegenheid en de aanwezigheid van al die Rotterdammers. Ik verheug me erop.”

Wat vindt u het mooist aan Rotterdam?

„De weidsheid.”